blog

Recht op de stad

Architectuur

Jeanne Dekkers en Camerlinck-Steenwegen presenteerden onlangs een tussenstand van de studie ‘Nieuw licht op leegstand’. Hierin is niet het kansrijke cultureel erfgoed uit de negentiende eeuw onderzocht, maar juist de leegstaande kantoorgebouwen in de periferie van onze steden. De bijeenkomst werd afgesloten met een forum, hieronder de inleiding die ik schreef voor deze gelegenheid.

Recht op de stad

Ik ben opgegroeid aan de zuidkant van Rotterdam. Tot 1970 vormde dit gebied de kern van de havenstad, de plek waar het geld werd verdiend. Gestaag werd op Zuid de haven uitgebreid in westelijke richting. Na 1970 ging het mis. De scheepsbouw en metaalindustrie legden het af tegen de lage lonenlanden in het verre oosten. Sinds deze tijd heeft Zuid te kampen met wegtrekkende bewoning en bedrijvigheid.

Dit is niet alleen een economisch, maar ook een sociaal probleem. Het recht op de stad werd inzet van stedelijke actie. Al veertig jaar probeert Rotterdam dit deel van de stad te vernieuwen. Op enkele successen na (de Peperklip van Carel Weeber, de Kop van Zuid, de Kaap) is dit niet gelukt. De vraag is nog altijd niet beantwoord hoe dit krimpproces moet worden vormgegeven.

Kostbare vondst

De enige serieuze architectuurboekhandel in Nederland is al sinds jaar en dag Architectura & Natura te Amsterdam. De zaak kenmerkte zich door een uiterst aangename chaos. Nieuw binnengekomen boeken werden op een enorme tafel in het midden gelegd en pogingen om hierin enige orde te scheppen, waren zo te zien al lang geleden opgegeven. De boeken stapelden zich op en het vinden van een boek was een bijna sportieve aangelegenheid.

Uit deze warboel viste ik ooit een boekje van de Duitse architect Ludwig Hilberseimer waarvan de stedelijke schema’s me sindsdien zijn blijven intrigeren. In deze schema’s liet Hilberseimer op eenvoudige wijze zien hoe je stadsdelen op geordende wijze kunt verkleinen en vergroenen. Ze ontregelden het idee wat een stad is en gaven daar een nieuwe lading aan, door naast gebouwen en straten groen als derde variabele toe te voegen.

Spontane stad

De bestaande voorraad is nu de belangrijkste opgave. Deze herwaardering voor het bestaande opent nieuwe mogelijkheden voor architectonisch handelen. De kwaliteit wordt niet meer gezocht in spectaculaire formele ingrepen, maar in intelligente strategieën. In de regel geldt: hoe minder hoeft te veranderen en hoe minder energie hoeft te worden toegepast, des te effectiever is een transformatie strategie.

Dit biedt ruimte voor ‘bottom up’-benaderingen waarbij stedelijke ruimtes worden ingenomen voor onbedoeld gebruik en grondstukken voor een bepaalde periode uit de markt worden gehaald en tijdelijke bestemmingen krijgen. Door private activiteiten en kwaliteiten in het publieke domein onder te brengen, worden mensen aangemoedigd zich op ongebruikelijke plaatsen op te houden. Op dit vlak zie je de opkomst van alternatieve economieën zoals recycling, ‘sharing’, crowd sourcing en generositeit. Het recht op de stad krijgt daarmee een nieuwe dimensie.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels