blog

Een uitnodiging van Peter St John

Architectuur

Ik kan niet zeggen dat ik de Architectuurbiënnales van Venetië goed ken. In 2000 bezocht ik de door Massimiliano Fuksas georganiseerde tentoonstelling onder de titel ‘Less aesthetics, more ethics’. Ik het Arsenale zag ik veel grafiek en video, maar geen enkel beeld van een gerealiseerd gebouw.

Een uitnodiging van Peter St John

 

 

 

Tien jaar werd in het Nederlands paviljoen aandacht besteed aan het probleem van massale leegstand. In beide gevallen werd de thematiek in heel urgente termen gesteld. Maar de didactiek en de voor de hand liggende boodschappen verlamden iedere persoonlijke interpretatie. Het werden te snel statements waar niemand het mee oneens kon zijn. Misschien is dat de reden dat dit soort installaties mij niet overtuigt als tentoonstelling. Een goede foto van deze gesubsidieerde maatschappijkritieken volstaat.

Een meer gelukkige herinnering bewaar ik aan de tentoonstelling in het Engelse paviljoen van 2008. Ellis Woodman toonde daar vijf woningbouwprojecten van verschillende ontwerpers. Hij stelde niet het verhaal centraal, maar benadrukte de architectuur door de stoffelijkheid van gerealiseerde gebouwen te tonen en deze in de historie van de Britse woningbouw in te passen. Het tegen elkaar aan plaatsen van verschillende benaderingen in het perspectief van een lokale wooncultuur zorgde voor een conclusieloze suggestie die alleen ter plekke goed was te ervaren. Verder ging het fenomeen Biënnale volledig langs me heen. Een enkele bemoedigende uitzondering daargelaten, leek het mij op een uit de hand gelopen salonspel.

Dit voorjaar werd de Engelse architect David Chipperfield als curator van de komende editie aangesteld. Enkele maanden geleden belde Peter St John van het Londense architectenbureau Caruso St John met de vraag of ik met biq stadsontwerp mee wilde doen aan een groepstentoonstelling op de Biënnale. Peter vertelde dat Chipperfield niet op zoek is naar individueel talent, maar juist naar het terrein dat ontwerpers delen. Zijn thema is Common Ground.

Peter wilde gerealiseerd werk van een aantal generaties architecten uit verschillende landen verzamelen. Hij noemde Peter Märkli (Zürich), Knapkiewicz Fickert en Hermann Czech (Wenen), Hild und K (München) en Bovenbouw (Antwerpen). Sir John Soane zou op de achtergrond aanwezig zijn. Peter speculeerde over een gemeenschappelijke grondslag onder het werk van architecten. Het zou in Venetië over bouwen en historisch besef gaan en over de verschillende werkvelden en de uiteenlopende gedaanten die de gebouwen van het gezelschap aannemen.­­­ biq stond voor de vernieuwing van de stad.

Peter’s verhaal als zodanig trok me niet direct over de streep. De eenvoudige boodschaploosheid vond ik prikkelend, maar leek mij geen garantie voor succes. Ik houd van het werk van alle architecten die hij noemde, maar ken ze niet allemaal persoonlijk. Peter en zijn compagnon Adam ken ik goed genoeg om erop te vertrouwen dat zij eerder naar verbeelding dan naar boodschappen zoeken. Het slagen van deze onderneming is immers volstrekt afhankelijk van het vermogen van de curators om ter plekke ervaringen op te roepen. Peter bezwoer mij dat er geen manifest zou uitkomen. In het besef dat Biënnales veelkoppige monsters zijn, nam ik uiteindelijk zijn uitnodiging aan.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels