blog

Creatieve industrie

Architectuur

Architectuur wordt tegenwoordig gerekend tot de creatieve industrie. Deze is echter geen voortzetting met andere middelen van de sterarchitectuur. Alles draait om samenwerken en verbinden. Willen architecten hierin meekomen, zullen zij zich sterker moeten richten op hun vak.

Creatieve industrie

 

 

Afgelopen weekeinde bracht ik veel tijd door in en om het EMC te Rotterdam, waarbij ik weinig anders had te doen dan wachten. Op Facebook verschenen foto’s van een feestje op een dakterras, ergens in Manhattan, vermoedelijk georganiseerd door de Amerikaanse vestiging van het Deense BIG. Op een foto spreekt in ieder geval Bjarke Ingels op een bankje een groepje mensen toe, op de andere foto’s wordt hij allerhartelijkst bejegend. De mooiste foto vond ik het beeld waar hij recht de lens in kijkt en een vrouw omarmt die precies de andere kant opkijkt. De reden is duidelijk: op de achterzijde van haar hoofd is het woord BIG geschoren.

Nadat de spanning in het EMC was geweken, tweette ik deze foto met de tekst: Bjarke Ingels introduceert nieuwe marketingmethoden in architectuur. Kavander reageerde met de opmerking dit als typisch te beschouwen voor de zogenoemde creatieve industrie.

Ik vond dit een interessante opmerking die me sterk aan het denken zette. De architectuur wordt sinds kort immers gerekend tot de creatieve industrie. Eerdaags wordt bijvoorbeeld de nieuwe naam van het voormalige NAi bekendgemaakt. Het Stimuleringsfonds heet tegenwoordig plotseling Stimuleringsfonds Creatieve Industrie.

Toch denk ik niet dat de creatieve industrie een voortzetting met andere middelen is van de sterarchitectuur waarvan Bjarke Ingels mogelijk de laatste, opwindende vertegenwoordiger is.

De kernwoorden van een echt creatieve industrie lijken me samenwerken en verbinden. De huidige opdrachten van institutionele opdrachtgevers getuigen van grote ambities, maar van weinig middelen. Ontwerpers kunnen hierin de brug slaan, vereist is een creativiteit met beperkte middelen. De tijd dat (ster)architecten opwindende statements konden maken en zo nodig de opdrachtgever ontsloegen, is definitief voorbij. Voor zover ruimte is voor statements, zullen deze moeten passen binnen de wensen van de opdrachtgevers.

Gek genoeg vereist deze verandering, dat architecten zich sterker dan tot nu toe gaan richten op hun vak. Wil je als architect in de nieuwe, opkomende markten kansen hebben, dan moet je je honderd procent inzetten voor je vak en oppassen dat je niet op andere gebieden terecht komt. Want daarmee zou je je definitief buitenspel plaatsen.

 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels