blog

Kunst uit noodzaak bij Robbrecht en Daem

Architectuur

Heeft kunst invloed op architectuur, is architectuur soms zelf kunst? In Nederland wordt nauwelijks nog nagedacht over dit onderwerp, in België is het denken op dit vlak voortgeschreden, zo bleek afgelopen weekeinde in het Antwerpse Middelheim. Keerzijde daarvan lijkt de grotere achting te zijn die architecten in Vlaanderen ten deel valt.

Kunst uit noodzaak bij Robbrecht en Daem

Het Middelheimmuseum ligt ten zuiden van Antwerpen en is een openluchtmuseum dat moderne en hedendaagse kunst in een groene parkomgeving laat zien. Het museum dateert uit het begin van de jaren vijftig en toont onder meer beelden van Auguste Rodin, Henry Moore, Rik Wouters, Juan Muňoz, Panamarenko, Chris Burden, Dan Graham. Ook nodigt het museum jaarlijks gerenommeerde of beloftevolle kunstenaars uit die de mogelijkheden van de parkruimte en de bestaande collectie uitbuiten. Middelheim laat zich vergelijken met Louisiana bij Kopenhagen of met Kroller Moller op de Hoge Veluwe.

Vernieuwing van Middelheim

Het Middelheimmuseum en zijn collectie hebben net een grondige gedaanteverwisseling ondergaan. De Belgische architect Paul Robbrecht, die ook in ons land bekendheid geniet vanwege het Concertgebouw in Brugge en het Rubensplein in Knokke, was gastcurator en leverde met zijn bureau een nieuw halfopen paviljoen in de aan het Museum toegevoegde bloementuin (‘Hortiflora’) op.

Dit stalen paviljoen, Het Huis genaamd, biedt aan kwetsbare werken beschutting, zonder ze van hun omgeving te isoleren. Ze is in mei 2012 ingehuldigd met een tentoonstelling van de Duitse kunstenaar Thomas Schütte. Vanaf 2013 zullen in het nieuwe paviljoen en het omringende terrein tijdelijke tentoonstellingen plaatsvinden.

In Middelheim wordt ook uitvoerig stilgestaan bij de architecten die de andere paviljoens hebben ontworpen. Zo is er veel aandacht voor het fantastische paviljoen van Renaat Braem uit 1969 dat volledig in ere is hersteld en dit jaar is ingewijd met een scenografie van Bernhard Wilhelm en Jutta Kraus. John Körmeling ontwierp een nieuw inkompaviljoen dat nog in gebruik zal worden genomen. Maar in Middelheim is bijvoorbeeld ook het paviljoen van Atelier Van Lieshout uit 2002 te vinden. Als gebruiksobject is het pure kunst. Spijtig genoeg is het op dit moment niet in gebruik.

Robbrecht 

Worth the detour

Alleen al het paviljoen Van Robbrecht en Daem maakt de reis naar Middelheim meer dan de moeite waard. Dit paviljoen is in de woorden van Robbrecht een beschermende plek voor fragiele sculpturen. Het is uitgevoerd in staal en het laat geen enkele twijfel bestaan over de manier waarop het is gebouwd.

In de plattegrond vallen de diagonale hoeken op die aansluiten op de paden van het park. Op deze wijze is het paviljoen op vanzelfsprekende wijze opgenomen in het omliggende landschap. In het paviljoen zijn tegenover elkaar twee bomen geplant, opnieuw een verwijzing naar de natuur. Ook het licht dat door de stalen schermen valt, doet denken aan het licht door het bladerdak van bomen.

Het paviljoen is niet te vergelijken met de witte kubus waarin kunst meestal wordt getoond. Tegelijkertijd is het ook niet een architectuur die alle aandacht opeist en de kunst in de schaduw zou zetten. Het ondersteunt haar eerder, de werken komen althans volledig tot hun recht. Het biedt ruimte aan de kunst, maar verwelkomt tegelijkertijd de bezoeker.

Architectuur en kunst

Robbrecht zegt hier zelf over: “De aanwezigheid van kunst in onze architectuur komt voort uit een noodzaak. Kunst maakt al heel vroeg zijn opwachting in het proces, biedt aanleiding voor discussie en vormt daarmee een soort kritische aanwezigheid. Zijn rol is daarmee die van uitvoerder, ‘de ander’ met betrekking tot de architectonische ruimte”

Het knappe van het paviljoen is dat het zo is gebouwd dat in de ruimte ervan kunst kan worden geplaatst, maar dat het tegelijkertijd lijkt op te gaan in de omringende natuur. Het resultaat is een dynamische ruimte, die noch neutraal noch sculpturaal is en waarin met massa, vlak en licht een geschikte atmosfeer is gemaakt.

Robbrecht maakt plekken waar de kunst wordt geëxposeerd, maar zegt dit ook te beschouwen als een parameter voor alle gebouwen die hij maakt. Een mooiere definitie van de toegevoegde waarde van architectuur is nu haast niet te vinden.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels