blog

Redefining architecture criticism?

Architectuur

Ineens stond het zwart op wit: architectuurcritica Merel Pit doet mee aan een debat over Redefining Architecture vooraf aan de uitreiking van de Gouden A.A.P., georganiseerd door ARCAM. Ik een architectuurcriticus? Maar dat betekent dat ik architectuurkritieken schrijf. Doe ik dat wel?

Redefining architecture criticism?

 

 

 

Ik vind het lastig om hier een eenduidig antwoord op te geven, want zoals ik al eerder blogde is de betekenis van architectuurkritiek mij vandaag de dag onduidelijk. Maar ik wilde wel graag ingaan op de uitnodiging van Maarten Kloos (ARCAM) om mee te doen aan het debat. (Dit heeft op 14 mei plaatsgevonden in het oude HEMA hoofdkantoor in Amsterdam Zuidoost.)

Statement

Kloos vroeg mij een kort statement voor te bereiden over de positie, de speelruimte en de feitelijke mogelijkheden van de architectuurcriticus anno 2012. Daarbij hoorde dan ook een afbeelding die dit statement zou moeten verbeelden. Een soort van antwoord op wat architectuurkritiek is, was dus welkom. Ik kwam tot het onderstaande:

 

Manfredo Tafuri

Een duik in de geschiedenis om achter de definitie van architectuurkritiek te komen helpt me niet verder, want ik stuitte op een gegeven moment op Manfredo Tafuri. Hij stelt dat kritiek helemaal niet bestaat in het kapitalistische systeem. Volgens hem moet je kritiek plaatsen in de geschiedenis door geen waardeoordeel te geven over het werk an sich, maar over de relevantie ervan op een specifiek historisch moment.

Bernard Colenbrander

Iets recenter sprak Bernard Colenbrander over architectuurkritiek. Dit was tijdens de presentatie van de 25e editie van het Jaarboek Architectuur. Volgens hem worden er momenteel maar weinig echte architectuurkritieken geschreven. Met enige weemoed verlangt hij terug naar de tijd van het tijdschrift Archis. Daar stonden tenminste echte kritieken in.

Jonge opiniemakers

Hij is niet de enige die refereert aan dit architectuurtijdschrift wanneer het gaat over architectuurkritiek. Ik interviewde voor mijn blog verschillende jonge opiniemakers over architectuurkritiek. Een aantal daarvan menen dat tot op heden weinig kritieken van gelijkwaardige kwaliteit als die in de Archis zijn verschenen.

Archistijdperk

Frappant is echter dat zij – net als ik – begin twintig waren toen het tijdschrift werd opgeheven en opging in het internationale ‘Volume’. Echt bewust hebben ze het Archistijdperk dus niet meegemaakt. Ik kan me dan ook niet aan de indruk onttrekken dat de vorige generatie critici een mythe rond het tijdschrift heeft gecreëerd en daarmee de nieuwe generatie heeft aangestoken. Wat architectuurkritiek betreft is Archis nog steeds de norm.

Papier verledentijd?

Maar Archis bestaat al 7 jaar niet meer. En het ziet er ook niet naar uit dat het binnenkort uit de dood zal herrijzen. Want zoals te lezen is in de cultuurnota stoppen begin volgend jaar de subsidies op tijdschriften. Papieren uitgaves worden door de overheid niet meer gezien als iets waar je je geld in moet steken.

Nieuwe media

Ik stel dan ook voor dat we stoppen het Archistijdperk te koesteren en het achter ons laten door te focussen op het nu. Allereerst moeten we de mogelijkheden benutten die de nieuwe media biedt. Vooralsnog verschijnen de meeste kritieken over architectuur die we serieus nemen op papier, terwijl we veel meer media tot onze beschikking hebben.

YouTube

Zo ligt er volgens een van de geïnterviewden voor mijn blog – Tim de Boer – potentie in het werken met beeld en film. Hij kan zich een filmkanaal op YouTube goed voorstellen. Ik ben erg benieuwd wat voor kritieken deze benadering van architectuur zou opleveren.

 Tijdens het debat; van links naar rechts: Hans Woerlee, Jarrik Ouburg en ik.  Fotograaf Iris Pit 

Groter en breder publiek

Ten tweede moet de architectuurkritiek inspelen op aan de veranderde situatie in de architectuur. Want net zoals dat de architectuur zich meer op de werkelijke vraag en haar gebruikers moet richten, moet de architectuurkritiek dat wat mij betreft ook.

Architectuurkritiek zoals in de Archis stond, is bestemd als voeding voor een intern discours binnen de vakgemeenschap. Op zich is dat heel waardevol. Maar voor de ontwikkeling van de architectuur is het op dit moment vooral van belang een zo breed en groot mogelijk publiek te bereiken.

Loodgieter versus architect

Een quote uit de net verschenen documentaire ‘De school als stad’ van Herman Hertzberger illustreert dit treffend: “Wanneer ik een loodgieter spreek en die zegt dit moet zo dan gelooft iedereen die man, maar wanneer een architect iets zegt dan neemt niemand dat aan.”

Twee taken voor critici

Veel mensen, helaas ook de mensen die VROM hebben afgeschaft, zijn zich niet bewust van de plek die architectuur inneemt in hun dagelijks leven, wat haar betekenis is en over welke expertise de architect dus beschikt. Aan critici de taak dit inzichtelijk te maken.

En andersom is het voor architecten van belang dat zij worden geconfronteerd met de werkelijke behoeftes die leven in de maatschappij en hoe zij hierop in kunnen spelen. Ook daar ligt mede een rol voor de criticus.

Nieuwe architectuurkritiek

Zonder twijfel zal er discussie ontstaan over deze nieuwe vormen van kritiek en of ze wel voldoen aan de Archisnorm. Deze discussie zal bepaalde mensen mateloos kunnen bezighouden en vast interessante bevindingen opleveren. Maar hopelijk zullen ondertussen andere mensen bezig zijn met inspirerende kritieken op beeld, film of geschrift, die het publieke debat over architectuur de broodnodige positieve impuls geven.

——

De avond was te kort om dit statement van alle kanten eens goed te bekijken. Mochten er ideeën opborrelen n.a.v. deze blog laat het me dan vooral weten. Ook opmerkingen, tegenargumenten en suggesties zijn van harte welkom.

——

Hieronder staan een aantal afbeeldingen van de renovatie en verbouwing het Scheepvaartmuseum in Amsterdam door Dok Architecten. Zij hebben de Gouden A.A.P. 2012 gewonnen en uiteindelijk draaide de hele avond daar om.

Vroege schets door Liesbeth van der Pol

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels