blog

Milaan bezint zich op de toekomst

Architectuur

Nu de marketingmachines door de economische crisis een toontje lager zingen, zijn er een stuk minder luidruchtige spektakelshows tijdens de Salone del Mobile in Milaan. Daardoor is er meer ruimte om goed ontwerp te ontdekken. Dat komt niet alleen van zelfproducerende designers, maar óók uit de industrie. Kleine fabrikanten laten zien dat de werelden van ambacht en massaproductie elkaar steeds dichter naderen. Ontwerpers als Nendo en Konstantin Grcic durven met hen het experiment aan te gaan.

Milaan bezint zich op de toekomst

Ondanks de crisis, of juist dankzij, heerst er een gezonde ondernemersgeest onder ontwerpers. Dit uit zich onder andere in de lancering van een aantal nieuwe meubelmerken. Renato Preti, directeur van Skitsch, lanceerde zijn nieuwe label Discipline, terwijl ontwerpers Niels van Eijk & Miriam van der Lubbe hun eigen merk Usuals presenteerden. Een jonge Franse ondernemer die het merk LaChance was gestart, vond onderdak in Tom Dixon’s Most-evenement en ook de collectie van New Duivendrecht ging in Milaan in première, het meubelmerk van TuttoBene-organisator Victor LeNoble en ontwerper Frederik Roijé.

 Grote merken als Kartell hielden de presentaties dit jaar sober.  

Industrie inschakelen

Zij willen het enorme potentieel aan jong ontwerptalent dat in Nederland rondloopt ontsluiten voor een groot publiek en de lokale industrie daarbij inschakelen. Volgens de initiatiefnemers vergeten jonge ontwerpers dat producenten veel voor ze kunnen betekenen en dat ze samen kwalitatief hoogwaardige, betaalbare en duurzame producten kunnen maken. Uit het uitgebreide netwerk van LeNoble en Roijé komen namen als Kranen/Gille, Dave Keune, Frederike Top en Nieuwe Heren. Zij keken samen met de oprichters van New Duivendrecht naar de doorontwikkeling van in eigen beheer gemaakte ontwerpen.

Combineren

In de resultaten zijn het beste van ambacht en van industrie verenigd: sommige onderdelen zijn machinaal gemaakt bij Nederlandse fabrikanten, andere elementen zijn met de hand vervaardigd. Zo wordt het beton voor de voet van de Barrel Lamp machinaal gegoten, terwijl de ontwerpers Nieuwe Heren de kap van hout zelf maken. Uiteindelijk heeft de lamp, die eerst het formaat van een gigantische theaterschijnwerper had, een vriendelijker uitstraling, zonder dat het karakter van het ontwerp verloren is gegaan.


Licht, lucht en water zijn verenigd in de X Ray Vase van Nendo voor de Tsjechische firma Lasvit.

Kristalhelder lijnenspel

Nendo is de nieuwe Marcel Wanders, als het gaat om alomtegenwoordigheid”, twitterde Marcus Fairs, hoofdredacteur van het online designmagazine Dezeen, tijdens de Salone. Niet alleen had de hardwerkende Japanse ontwerper Oki Sato stoelen ontworpen voor Moroso, Established Sons en Bisazza, maar hij nam ook de positie van art director op zich voor het nieuwe Singaporese merk K%. Tegen de witte loods staken de gitzwarte, vederlichte meubelen van de door hem ontworpen serie blackblack zich af als een pentekening. Vooral de set van drie Melt Chairs, waarvan de asymmetrische rugleuningen doen denken aan kronkelende buizen, kwam zo goed tot zijn recht. Nendo weet als geen ander een meubel terug te brengen tot een paar lijnen.

IJl licht

Glas, licht, lucht en water kwamen samen in de expositie Still Sparkling. Hier liet Nendo lampen, vazen en tafels zien die zij maakten voor de Tsjechische verlichtingsfabrikant Lasvit. Het werken met met de glasblazers in Tsjechië vergelijkt Sato met het werken met water: “glas is materiaal dat je niet volledig kunt controleren.”
De getoonde schetsjes van Sato laten zien hoe de lampen zijn geproduceerd: voor de Inhale Lamp vormen de glasblazers grote bellen, waarna ze inhaleren, zodat er een ongewone vorm ontstaat. De tafeltjes Innerblow en Overflow bestaan uit metalen structuren waar vloeibaar glas overheen is gelegd, zodat een blad als een golvend wateroppervlakte ontstaat. Wonderlijke, ijle producten zijn het resultaat.


Melt Chairs van Nendo voor het nieuwe Singaporese merk K%.

Supermarketing

De organisatie van Zona Tortona, de wijk waar een groot aantal buiten-de-beurs-presentaties plaatsvindt, had zich de kritiek van vorige jaren aangetrokken en schoon schip gemaakt. De vrijmarktsfeer, waar iedereen die iets wil verkopen welkom is, had plaatsgemaakt voor een strengere selectie. Originele, nieuwe exposanten vulden de expositieruimtes en in het nieuwe gebouw waarmee Superstudio Piú was uitgebreid, was een interessante tentoonstelling van de jonge Italiaanse ontwerper Luca Gnizio te zien. Waarschijnlijk zagen grote autoproducenten, modemerken en ‘luxury brands’ vanwege de crisis dit jaar af van hun vaak luidruchtige presentaties in dit deel van Milaan. Zo was er meer ruimte om jong ontwerptalent te ontdekken, een goede zaak.

Marketingkracht

Uiteraard is het kalme Zona Tortona ook het resultaat van de aantrekkingskracht van de studentenwijk Lambrate, waar veel (vooral Nederlandse) exposanten en ontwerpopleidingen naar zijn vertrokken. Op Ventura Lambrate waren dit jaar negentig presentaties te bewonderen, bijna een verdubbeling ten opzichte van vorig jaar. Het is natuurlijk onvermijdelijk dat de groeiende populariteit van deze wijk opnieuw het grote geld aantrekt.
Veelbesproken was de presentatie van multinational Ikea, die al haar marketingkracht aanwendde om de nieuwe PS-collectie onder de aandacht te brengen. En dat nog wel op ‘heilige designgrond’, in de Politecnico di Milano. Bezoekers troffen hier een complete Ikea-showroom, mét hip Italiaans ogend café, waar 46 nieuwe ontwerpen waren uitgestald in de kenmerkende mini-interieurtjes. Met de slogan Design belongs in real homes zette het Zweedse woonwarenhuis zich stevig af tegen het ‘limited edition’- showdesign.

Het Ikea-café in hun tijdelijke showroom in de Politecnico di Milano op Lambrate.

Industrieel ambacht

Opvallend was dat grote merken als Magis en Vitra weinig innovatieve of spraakmakende ontwerpen lieten zien. Kleine familiebedrijven uit Italië daarentegen bewezen opnieuw dat zij als industriële ambachtslieden vernieuwing in zich dragen, door zich te specialiseren in vernieuwende productietechnieken of materialen. Zo wist Casamania stoelen te vervaardigen van geperste vodden en lampenkappen van hittebestendige wol en lieten merken als Porro en Emmemobili zien wat hun vaardigheden met hout zijn: het materiaal wordt zo zacht afgewerkt dat het een textiele uitstraling krijgt. Konstantin Grcic toonde bij het kleine familiebedrijf Mattiazzi zijn stoel Medici. Deze lage leunstoel heeft een high tech uiterlijk, waarvoor Grcic, van oorsprong meubelmaker, terugging naar de basis: de houten plank.

Stoel Medici van Konstantin Grcic voor het Italiaanse familiebedrijf Mattiazzi.

Toekomst

Vanwege hun solide basis, het zijn vaak familiebedrijven, kunnen kleine fabrikanten investeringen doen in productietechnieken die hun vakmanschap verder vergroten. Zij opereren als industriële ambachtslieden, die de werelden van massaproductie en handwerk samenbrengen. Als deze producenten en ontwerpers elkaar weten te vinden, ziet de toekomst voor de meubelindustrie er hoopvol uit.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels