blog

Aandacht voor onze steden alstublieft

Architectuur

Afgelopen week meldde de Volkskrant dat de pensioenfondsen steeds meer bereid zijn te investeren in bouwprojecten. Vanaf volgend jaar worden de eerste grote deals verwacht op de gebieden van windenergie, scholen, zorg, infrastructuur en woningbouw. Dat is goed nieuws voor architecten, maar vraagt ook het nodige.

Aandacht voor onze steden alstublieft

Volgens de Volkskrant van 2 november steken de pensioenfondsen steeds meer geld in Nederlandse projecten voor wegen, zorg en onderwijs, woningbouw en windmolens. Anton van Nunen van Syntrus Achmea spreekt de verwachting uit, dat de fondsen op den duur vijf tot tien procent van hun vermogen zullen steken in dergelijke beleggingen. Dat staat gelijk aan veertig tot tachtig miljard euro.

Betrokkenheid

De fondsen zelf zijn na hun aanvankelijke aarzelingen positiever gestemd. Beleggingen in het buitenland zijn immers steeds riskanter aan het worden; zaken als ‘governance’ en duurzaamheid zijn daar nauwelijks aan te sturen. Daarnaast kunnen de fondsen door hun betrokkenheid veel meer invloed uitoefenen op binnenlandse beleggingen.

Deze verschuiving doet denken aan de investeringen die Amsterdamse kooplieden in de 17e eeuw in het achterland deden, toen de tot dan toe lucratieve handel over zee met de oost steeds riskanter begon te worden. En aan die van de Venetiaanse kooplieden in de Veneto, toen de zeehandel te veel verliezen ging opleveren en op ‘safe’ kon worden gespeeld met investeringen in de landbouw.

Voorbeelden

De verbreding van de tweebaansweg tussen Assen en Zuidbroek is het eerste civieltechnische project dat tot stand komt met geld van pensioenfonds ABP. Investeringen in het Maasstadziekenhuis en in een wijk met sociale woningbouw in Rotterdam volgen. In al deze gevallen zijn de fondsen erin gestapt omdat ze een rente krijgen die gekoppeld is aan de inflatie.
De pensioenfondsen lijken zo de oplossing in handen te hebben voor problemen als de vergroening van de economie, de financiering van semipublieke instellingen en het vlottrekken van de woningmarkt.

Risicodeling

Deze ontwikkeling is natuurlijk ook goed nieuws voor architecten. Maar ze zal omgekeerd ook het nodige van ze vragen.
In de eerste plaats zullen architecten bereid moeten zijn risico te delen. Dit soort projecten hebben alleen kans van slagen als sprake is van een redelijke verdeling van risico’s. Ook de architect zal daarin zijn aandeel moeten pakken. Zijn verdienmodel zal hierop moeten zijn afgestemd.

Daarnaast dienen architecten zich niet meer uitsluitend te richten op projecten in het buitenland, maar ook nadrukkelijker te investeren in Nederlandse projecten. De afgelopen tien jaar hebben Nederlandse architecten hun theorievorming nadrukkelijk gericht op het buitenland. Vooral China is populair, iets wat je bij een bezoek aan een Nederlandse boekhandel direct terugziet aan de flinke stapel gesubsidieerde Chinalectuur.

Aandacht voor de Nederlandse stad

De reden hiervoor is voor de hand liggend. Landen als China en Koeweit kennen een grote bouwproductie en bieden kansen voor Nederlandse en Europese architectenbureaus. Maar deze belangstelling impliceerde ook, dat de aandacht wegebde voor de Nederlandse  stad en door de rol die de architectuur daarin kan spelen.

Wil de architectuur profiteren van de kansen die de investeringen van de pensioenfondsen bieden, dan zal ze meer aandacht aan de dag moeten gaan leggen voor de Nederlandse stad en voor de potenties die hierin verscholen liggen.

 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels