blog

Bij de buren (6): De Duitse Façade

Architectuur

Duitsland is in de ban van een gevaarlijk virus. Een hoogst besmettelijk virus, bovendien. Waar deze eerste zinnen in de afgelopen weken vrijwel zonder uitzondering tot een bericht over EHEC zouden leiden, wil ik het hier hebben over een Duitse architectonische pandemie, namelijk de typisch Duitse façade (hierna afgekort tot DF).

Bij de buren (6): De Duitse Façade

 

De DF is wekelijks terug te vinden in verschillende Duitse vakbladen en architectenwebsites, en lijkt zich in rap tempo te vermeerderen op andere projecten en prijsvragen.

Onder de DF versta ik de natuursteen gevel met diep terugliggende, staande gevelopeningen, die in een strak raster de gehele gevel van het betreffende gebouw omhullen. Het raster van de gevel is hierbij zodanig van afmeting dat deze niet werkt als een wandvlak met openingen, maar als een stevig raster van vensters. Er zijn weliswaar variaties in de DF te zien waarbij de negges afwijken, of de verhoudingen van de gevelopeningen iets anders zijn gekozen, maar dit zijn allemaal varianten op hetzelfde thema. Mutaties van dezelfde stam, om de virus-analogie door te trekken.

Rationaliteit

De Duitse architectuur staat over het algemeen natuurlijk sowieso al bekend als “degelijk”, “solide” en “goed gestructureerd”. Of, minder flatteus uitgedrukt: “saai”. Extreme rationalisering in de architectuur kan bijzondere ruimtelijke resultaten opleveren, zoals bijvoorbeeld het oeuvre van O.M. Ungers aantoont. Maar bij de DF worden deze principes tot in de uiterste consequentie doorgevoerd.

Economisch gezien is de DF eenvoudig te duiden. De gehele gevel van een gebouw is namelijk theoretisch met slechts vier details uit te tekenen. Een horizontaal en een verticaal detail over een gevelopening, een dakranddetail en een aansluiting op het maaiveld. Dit betekent dat deze vier details extreem goed doordacht kunnen worden, of dat het betreffende bureau enorm veel ontwerp- en tekenkosten kan besparen. Linksom of rechtsom: tel uit je winst!


Constantin Höfe, Köln – JSWD Architekten

Programma, oorsprong, locatie, ontwerper

Maar architectuur is natuurlijk meer dan het zo efficiënt mogelijk uitwerken van zoveel mogelijk vierkante meters. Daarom heb ik een klein (absoluut niet representatief) onderzoek gedaan naar de verschillende verschijningsvormen van de DF.

Mijn eerste these was dat deze gevelsoort alleen toegepast zou worden bij bepaalde typologieën. Eerst vond ik vooral justitiegebouwen en lokale kantoren van verschillende banken. De uitstraling van dit type gevel is voor beide gebouwsoorten in principe passend. Daarna vond ik verschillende kantoorgebouwen. Ook hier kon ik me wel iets bij voorstellen. Toen ik echter ook scholen, bibliotheken, laboratoria en woningbouwprojecten tegenkwam, was de these snel verworpen. De conclusie diende zich aan dat er voor vrijwel elk type gebouw wel een Duitse architect te vinden is die er een DF bij vindt passen.

Mijn tweede idee was dat er misschien een samenhang tussen deze gevels en de respectievelijke plattegronden zou zijn. Ook deze these werd snel ontkracht. Open plattegronden, cellenplattegronden, vierkante, rechthoekige en ovale plattegronden kunnen allemaal uitgevoerd worden met dezelfde DF.

De derde these betrof de locatie. De hele bandbreedte was hier terug te vinden: een DF middenin een stadscentrum, een vrijstaande DF in een lommerrijk gebied, een DF in de bergen of een DF aan het water: het maakt niet uit, een DF past overal!

Tenslotte vermoedde ik dat er een beperkt groepje architecten was, dat met hun DF-signatuur erg succesvol was. Ook deze these kon snel gefalsificeerd worden: Het leek alsof elke zichzelf respecterende Duitse architect minstens één keer in zijn carrière een DF moet maken. Als bewijsmateriaal is bij dit blogbericht een kleine selectie toegevoegd van verschillende projecten die met een DF zijn uitgerust.

 
Rheinoffices Cecilienallee, Düsseldorf – André Poitiers

De Zwitserse koning van de Duitse Façade

De absolute meester van de DF is, ironisch genoeg, geen Duitser. De Zwitser Max Dudler, die de hoofdvestiging van zijn bureau in Berlijn heeft, voert de DF in talloze varianten uit. In Zwitserland is hij hiermee niet bijzonder succesvol (ik ken slechts een DF van hem in Zürich, en een in de buurt van St. Gallen), maar in Duitsland wint hij de ene prijsvraag na de ander, met gebouwen die bijzonder vaak een strenge, minimalistische versie van de DF laten zien.

 
Jacob-und-Wilhelm-Grimm-Zentrum, Berlin – Max Dudler

Architectuur als uitdrukking van context

Een gevel van een gebouw kan gebruikt worden om de functie te tonen, om op de (gebouwde) context te reageren, of om maatschappelijke verhoudingen bloot te leggen. De DF drukt op geen enkele wijze een specifieke functie uit en is eveneens niet specifiek contextgebonden. Ik vraag me dan ook af wat er uit de alomtegenwoordigheid van de DF afgeleid kan worden over de maatschappelijke ontwikkelingen in Duitsland. Of is dat te makkelijk en spelen andere motieven een rol?

Het kan ook zijn dat ik gewoon nog niet goed genoeg geïntegreerd ben in het Duitse architectuurklimaat om de subtiele variatie binnen de DF op waarde te schatten. Net zoals mijn ouders nog steevast elke plaat in mijn collectie aanduiden als “diezelfde pokkeherrie”, terwijl ik de bandbreedte van punk tot black metal kan onderscheiden. Wie weet zie ik de DF over een paar maanden met compleet andere ogen.

 
Heinrich-von-Kleist-Forum, Hamm – AP’Plan . mory. osterwalder. Vielmo

Eén vraag blijft echter: zouden er ook eengezinswoningen met een DF bestaan? Die ben ik namelijk nog niet tegengekomen tijdens mijn zoektocht, en ik vraag me echt af of er een architect bestaat die deze combinatie aangedurfd heeft. Mij lijkt het niet waarschijnlijk, maar anderzijds had ik ook niet verwacht een zwembad met een DF tegen te komen. Als motivatie om me te helpen dit raadsel op te lossen, ontvangt de eerste persoon die me een voorbeeld van een eensgezinswoning met DF kan noemen een gevulde koek als beloning…

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels