blog

Natuurbevorderende architectuur

Architectuur

Koning nummer 1 op het gebied van natuurbevorderende architectuur was meer kunstenaar dan architect: Hundertwasser. Zijn gebouwen en kunstwerken zijn wereldberoemd. Van het spleetogenhuis tot zijn groene snelweg, alles stond in het tekenen van het behouden en bevorderen van de natuur. Met de centen die hij verdiende met zijn kunst, huurde hij appartementen in de stad voor bomen. Zijn zogenaamde ‘boomhuurders’.

Natuurbevorderende architectuur

 
Boomhuurder

Een goede artistieke vinding, maar misschien een tikkeltje te ver van de realiteit. Meer in die richting komt William McDonough (inderdaad een van de twee Cradle2Cradle-grondleggers). Ooit zat ik bij een presentatie van hem waarin hij uitlegde hoe zij de Chinese overheid overtuigden van hun plannen. De opdracht was om in een gebied van 22 vierkante kilometers een nieuwe Chinese stad te ontwikkelen. In de presentatie liet hij een luchtfoto zien van de bestaande situatie en op de volgende afbeelding stond de nieuwe situatie: die was exact hetzelfde!

Wat McDonough op ludieke wijze liet zien is waar het op neer komt. Je tracht dezelfde natuurlijke waarden te behouden en zelfs te bevorderen. In het project in Liuzhou, Guangxi tilden McDonough + partners simpel gezegd het landschap op en schoven daar de stad onder. Zo bleef de natuur behouden, maar ontstond er ook ruimte voor onder andere landbouwactiviteiten op het dak.

Rooftop Farming Liuzhou Guangxi

Een dergelijke manier van het landschap inrichten heeft natuurlijk grote gevolgen voor de architectuur en omgeving. De ruimtetoerist zal (als hij opstijgt vanuit Lelystad) een prachtig uitzicht hebben op een groene vlakte, maar het lijkt me beroerend saai om daar op grondniveau door heen te lopen. Gebouwen zijn onderdeel van het landschap en mogen best gezien worden. Ze moeten alleen wat meer geïntegreerd worden in de natuurlijke omgeving. Of beter, de natuurlijke omgeving moet beter geïntegreerd worden in de bebouwde omgeving. Helaas zullen sommige architecten dan moeten inleveren op hun favoriete speeltjes…

Ruimte voor uilen

Natuurbevorderende architectuur is niet nieuw. Boerderijen in Noordoost Nederland hebben al eeuwenlang gaten in de nok van de kopgevels zodat de geesten in en uit kunnen. De uilen die van die openingen gebruik maakten om in de schuren te nestelen, bleken ook alle muizen te vangen, waardoor de borden een kenmerkend architectonisch onderdeel zijn geworden: de uilenborden.

Uilenbord

Goedkoop en doeltreffend

Andere ‘grootmoederwijsheden’ zijn er ook. Dat zijn vaak doeltreffende, goedkope maatregelen die hun positieve effect in de loop der jaren bewezen hebben. Beplant de woning aan de noordzijde met een groenblijvende klimop, zoals bijvoorbeeld de Hedera. De laag groen biedt een extra isolatielaag, geeft de gevel bescherming tegen de weersinvloeden en stimuleert ook nog eens de natuurlijke omgeving. Dat de klimop de gevel beschadigt is een fabeltje. Die komt echt niet door de huidige kwaliteit cement heen. Plant aan de zuidkant een klimop die in de winter bladverlies heeft, zoals de Wilde Wingerd. Extra koelende werking in de zomer, maar in de winter kan de zon het woonhuis vol opwarmen. Of lei-lindes. Tegenwoordig staan ze statig langs de oprijlaan, maar ze zijn ontstaan uit de wens een zonnescherm te hebben. Een moderne variant is de pergola van druiven.

Het kan allemaal prima, als je het maar onderdeel maakt van de architectuur.

Vogelvriendelijk glas

De architect zal met name moeten inleveren op de toepassing van glas: doodsoorzaak nummer 1 onder vogels. Spiegelend glas en geluidsschermen vallen hier ook onder.


Spiegelglas

Eenvoudig niet meer toepassen is uitstekend, maar als je er van houdt, zijn er verschillende ‘bird-friendly development guidelines’ zie FLAP. Zoals glas onder een hoek zetten, of meer oneffenheden aanbrengen in het gevelvlak.

Ontwrichtend licht

Een ander dodelijk onderdeel van de gebouwde omgeving is de (stads)verlichting. Een overdaad aan licht verstoort het bioritme van allerlei organismen en kan een heel ecosysteem ontwrichten. Sommige planten kunnen niet groeien onder een continue belichting. Andere planten vertonen groeiafwijkingen. Bomen bij verlichtingspalen blijven soms hun bladeren in de winter dragen.

Gebouwen aanlichten is prachtig. Sommige architectuur heeft dat bovendien bijna nodig. Maar het is wat overdreven om de dronken student consequent de weg te wijzen (alhoewel ik er ook dankbaar gebruik van heb gemaakt…)

Kraanspoor verlicht

Donker tenzij

Staatssecretaris Atsma van Infrastructuur en Milieu heeft dat begrepen en een nieuwe richtlijn voor duurzame en energiebesparende straatverlichting opgesteld: “Donker tenzij”. Lijkt me uitstekend. Donker en spaart miljoenen aan elektriciteit en onderhoud.

Stel dat we de bovengenoemde maatregelen nemen in onze architectuur en verlichting om er voor te zorgen dat vogels en andere dieren niet met duizenden ten onder gaan. Kunnen we dan nog andere maatregelen nemen om de natuur te bevorderen? En misschien nog belangrijker: wat hebben we eraan? Is het ook functioneel?

Ratten ruimen Vinex-wijken op

Het is een algemeen bekend feit dat de natuur een grote positieve invloed heeft op de mens. De natuur brengt rust, intrigeert, is leuk om naar te kijken, levert een goede biodiversiteit en een gezonde en natuurlijke omgeving op. Dat weten we allemaal.

Daarnaast kan natuur wel degelijk ook onze gebouwde omgeving versterken. Een trend in de Vinexwijken is wonen aan het water. De achtertuin ligt aan een binnenmeertje, waar je heerlijk aan kan bbq-en. Het prachtige water is een bron van allerlei ongedierte: ratten en muggenplagen. Het functionele van de ratten is dat ze de resten van de bbq opruimen… Maar bij de muggen wordt het interessant.

De gierzwaluw als seizoensarbeider

Verschillende gemeentes, zoals Bergen op Zoom, hebben de zwaluw ingezet als natuurlijke bestrijder van muggen. De vogel wordt gehuisvest in nestkasten en zwaluwtillen. Geen verkeerd idee om deze elementen in het stadsbeeld te integreren. De eerste pogingen, zoals de zwaluwtil, zijn nog een beetje vreemd, maar als vormgevers zich er mee gaan bemoeien wordt het een stuk beter. Beeldend kunstenaar Patty Groot Bluemink ontwierp een ‘vogelkantoor’ voor tussen de gebouwen aan de Amsterdamse Zuidas. “Op de Amsterdamse Zuidas is een diepe kloof ontstaan tussen mens en natuur. Een gebied dat ooit vol dieren- en plantenleven was, wordt nu volgebouwd”, aldus Groot Bluemink. Zij wil de gierzwaluw als seizoensarbeider uitnodigen om het ecologische evenwicht te herstellen.


Zwaluwtil


Ingemetselde nestkast


Vogelkantoor

Weinig bomen veel spinnen

Een ander gebied waar nog eens goed naar gekeken moet worden is het KNSM-eiland en Zeeburg in Amsterdam. Wat betreft het natuurbevorderende bouwen dan, want persoonlijk vind ik er wel architectonische juweeltjes tussen staan en het gebied in zijn geheel een fraaie stedelijke omgeving. Echter: geen boom te zien! Geen boom, betekent weinig nestgelegenheden voor vogels, dus weinig vogels, dus bijzonder veel insecten en spinnen. Dat valt daar echt op.

Daarnaast kunnen groen en natuurbevorderende maatregelen ook op een praktische manier worden toegepast. Om te beginnen als afscherming van onder andere geluid. Of het vegetatiedak in al zijn vormen (sedum, turf, gras, kruiden) en de groene gevel als buffer en watervasthoudend onderdeel van de stedelijke omgeving .

Traditioneel worden dieren geweerd uit de bebouwde omgeving, maar er zijn ook voorbeelden te vinden van een goede symbiose. In plaats van mussenschroot (het weren van kleine vogels onder de dakpannen) kan je ook de vogelvide toepassen (ingebouwde nesten onder de onderste rij pannen) of speciaal ontworpen dakpannen met ruimte voor nestgelegenheden. Onder de dakgoot kan je vrij eenvoudig zwaluwkasten integreren. En maak diervriendelijke erfafscheidingen, zodat egels vrij zijn om de tuin te ontdoen van andere insecten.

Waar is zoete lieve Gerritje?

Hoe krijgen we het nu voor elkaar dat er meer natuurbevorderende maatregelen genomen worden? Niet alleen goedbedoelde (en werkende) initiatieven, maar structurele integratie? In dat kader zou je kunnen denken aan een percentageregeling, vergelijkbaar met de percentageregeling beeldende kunst, die het Rijk begin jaren 50 heeft ingesteld voor de nieuwbouw van rijksgebouwen en onderwijsinstellingen om beeldende kunst te stimuleren. De regelingen houden in dat een bepaald percentage van de bouwkosten gereserveerd wordt. In dit geval voor kunst, maar dat zou dus ook natuurbevorderende maatregelen kunnen zijn.

Tenslotte wil ik jullie nog even wijzen op een adviserende en uitvoerende partij. Het is van wezenlijk belang partijen in te schakelen die verstand van zaken hebben. Graag verwijs ik door naar de website: vogelhuisverbouwingen van Bouwbedrijf Bernhard de Vries. Op onderstaande foto’s de noodzaak ervan (met dank een Bouwbedrijf Bernhard de Vries): een mus uit een ongeïsoleerde nestkast en eentje die dankbaar gebruik maakt van een geïsoleerde!

 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels