blog

Mythes ontzenuwd

Architectuur

Afgelopen week was tout ruimtelijk ordenend Nederland bijeen voor het symposium Prachtig Compact NL, geïnitieerd door Rijksbouwmeester Liesbeth van der Pol en het Nirov, als afsluiting van het project om het compacte bouwen weer op de kaart te zetten. Jaap Modder introduceerde de dag met ‘u gaat wat nieuws horen.’ Tijdens de borrel achteraf was de meest gehoorde vraag dan ook: ‘hebben we wat nieuws gehoord?’

Mythes ontzenuwd

Liesbeth van der Pol zette de probleemstelling scherp neer met beelden before and after van bebouwd gebied in de twintigste eeuw: exponentieel groeiende rode vlekken. Nederland heeft de mazelen, het is tijd om weer compact te gaan bouwen. Daarvoor moeten enkele hardnekkige mythes worden ontmanteld: dat binnenstedelijk bouwen duur(der) is, dat het automatisch leidt tot hoogbouw en dat de mensen zo niet willen wonen.

 

De oproep voor een compacte stad in een groene omgeving is op zichzelf niet nieuw. Maarten Hajer liet zien, dat de mythe van Stad-en-Ommeland diep zit ingebed in de ruimtelijke ordening van de laatste decennia. Wel nieuw zijn de argumenten die nu in de discussie gebruikt worden. Dit zijn economische argumenten geworden: niet meer de angst voor het verdwijnende landschap, maar de hoop dat de agglomeratiewinst voor economische ontwikkeling in de centra ligt.

Gerard Marlet en Lia Karsten ontleedden beiden de mythe van de woonwensen. Marlet zag de aantrekkingskracht van de (cultureel) zelfvoorzienende stad aansluiten op de wonen-bij-werk wens. Deze grootstedelijke woonwens dienen we nu na jaren van restrictief beleid te faciliteren, aldus Marlet. De ideale grootte van Amsterdam zou rond de 1,5 miljoen liggen.

Karsten zag in tegenstelling tot Marlet ook voor de Young Urban Professional Parents (YUPP) een kans om in deze dichtheid van voorzieningen de winst van tien minuten te halen die zo waardevol is voor jonge gezinnen: een uitdagende ontwerpopgave voor Nederlandse architecten.

Het werd pas echt interessant bij de gortdroge analyses van Taco van Hoek (EIB) en Edwin van der Krabben (Radboud Universiteit), die op economisch en ontwikkeltechnisch vlak lieten zien dat compact bouwen wel degelijk geld oplevert en beleidsmatig haalbaar is. Ondanks het nodige voorbehoud kan volgens Van Hoek de kostenmythe de deur uit: het gaat niet om de tegenstelling periferie versus centrum, maar die van greenfields vs brownfields. Deze zijn zowel binnen als buiten de ring te vinden. Binnenstedelijk hoeft niet duurder te zijn, zeker niet als de maatschappelijke baten van de brownfields worden meegenomen. Er zijn tal van winsten en besparingen te vinden en de woningbouw in de stad kan zichzelf dus wel degelijk bedruipen.

Erwin van der Krabben liet zien dat er alternatieven zijn voor de huidige gemeentelijke grondpolitiek: het actieve grondbeleid heeft de stedelijke ontwikkeling in Nederland veel kracht gegeven, maar ontpopt zich in crisistijd tot een verlammend mechanisme. Volgens Van der Krabben hebben weinig mensen door dat dit typisch Nederlands is. Er zijn buitenlandse alternatieven. Wordt het geen tijd voor de in Engeland gestimuleerde organische groei, of de in Duitsland gebruikte ‘Umlegung’, een soort stedelijke herverkaveling? Langs deze oplossingsrichtingen kunnen we de stad verder brengen, ook als de overheden geen geld meer hebben voor grootstedelijke plannen.

De compacte stad staat dus weer op de agenda. Dit is op zichzelf niet nieuw. De sprekers met hun statistieken en berekeningen droegen echter wel nieuwe argumenten aan: binnenstedelijk bouwen is niet (altijd) duurder en het is aantrekkelijk voor gezinnen. Het mooiste voorbeeld dat dit niet tot hoogbouw hoeft te leiden, ligt al jaren in het Oostelijk Havengebied.

 

Nu alle mythes zijn ontzenuwd, rest ons ‘slechts’ een paradigmaverschuiving in Nederland: nieuwe ontwikkelmodellen en een grondbeleid dat binnenstedelijk bouwen zowel economisch als maatschappelijk winstgevend kan maken. Van de rijksoverheid hoeven we op dit moment niet veel te verwachten, aldus Chris Kuipers aan het slot van de dag. Hij wil dat de markt in deze crisistijd bewust de risico’s van verdichting neemt. Dat lijkt mij echter niet eenvoudig. Laten we dus de marktpartijen proberen te verleiden met de argumenten van de onderzoekers, de geestdrift van Liesbeth en de bijbehorende prachtige, alles behalve compacte uitgave. Gratis te downloaden.

Thomas Dieben

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels