blog

Verdichten meer dan ooit nodig

Architectuur

Het advies Prachtig Compact Nederland heeft de tongen in beweging gebracht. De kritiek dat we in Nederland niet echt stedelijk en niet echt landelijk bouwen, maar een soort gemiddelde in de vorm van de Vinex, lijkt nu ook tot de bestuurlijke bovenlaag te zijn doorgedrongen.

Verdichten meer dan ooit nodig

 

 

 

De voordelen van echt stedelijk bouwen en echt landelijk bouwen zijn evident. Het draagvlak onder voorzieningen en openbaar vervoer wordt versterkt, de versnippering en verrommeling worden tegengegaan en de stedelijke energiehuishouding komt op orde. Bovendien staat door de financiële crisis het oude ontwikkelmodel ter discussie. Dit is immers in belangrijke mate de veroorzaker van deze crisis.

Over compact bouwen en verdichten is naar aanleiding van het advies een flinke discussie ontstaan. De laatste bijdrage komt van hoogleraar gebiedsontwikkeling aan de TU Delft Friso de Zeeuw. De Zeeuw neemt in het tijdschrift van Architectuur Lokaal ten opzichte van verdichting een welwillende houding aan, maar formuleert vervolgens drie forse kritiekpunten. “De leus prachtig compact is volstrekt hol, als de onrendabele toppen ongedicht blijven, het procedurele oerwoud voortwoekert en de voorkeur van mensen niet meer dan bijzaak is”, aldus De Zeeuw. Van verdichting komt zo nooit iets terecht. Van ontwikkelaars hoeven we in ieder geval niets te verwachten.

Verandawoningen in Almere door Onix. Foto Jeroen Musch. Gepubliceerd in de Architect, november 2006

Over verdichting wordt in Nederland al ruim dertig jaar gepraat, maar in de praktijk komt er weinig van terecht. Ondanks alle retoriek is de dichtheid in de Nederlandse steden flink gedaald, terwijl de bevolking in omvang verder toeneemt. De bevolking is sinds de jaren zestig de kernsteden gaan verlaten, gevolgd door bedrijvigheid en voorzieningen. De suburbanisering van Nederland heeft gigantisch om zich heen gegrepen, niet alleen in het stedelijke gebied, maar ook in de afgelegen randgebieden.

Het model van compacte steden met omliggende voorsteden lijkt daarmee niet meer haalbaar. Beide maken tegenwoordig deel uit van megaregio’s. Zowel de stedelijke ruimte als de suburbane gebieden dienen verstandiger en slimmer te worden benut. Het doel daarbij zou moeten zijn comfortabele, betaalbare leefruimte voor meer mensen te creëren, en tegelijkertijd te voorzien in een grotere leefbaarheid. Dit vraagt om meer liberale regelgeving, om meer woonbestemmingen in de stad en meer gemengd programma in de Vinexwijken, om investeringen in openbaar vervoer en om gebruikersheffingen voor autoverkeer.

De tegenstanders van compact bouwen wijzen er voortdurend op, dat mensen niet in de stad willen wonen. Maar je kunt dit argument ook omdraaien en je afvragen waarom mensen die wel in de stad willen wonen, dat in de huidige context niet kunnen. Niet iedereen wil in de stad wonen, maar ook niet iedereen in een Vinexwijk.

Meer Vinexwijken bouwen is geen optie. De tijd dat iedere woning blind kon worden verkocht, ligt ver achter ons. Het is een illusie te denken dat de goede oude tijden van de Vinex zullen terugkeren. Evenmin is het wenselijk. Economisch herstel lijkt uitgesloten als we doorgaan met verdere stedelijke expansie, waarbij meer en meer land wordt opgeslokt door meer en meer woningbouw. Dit mechanisme heeft immers in de eerste plaats de economische crisis veroorzaakt.

De opgave is daarmee de uitbouw van vervoersnetwerken en het effectiever gebruiken van de al ontwikkelde ruimte. Als mensen dichter bij hun werk willen wonen, moet dat kunnen. Ze moeten niet zijn veroordeeld tot de volgende Vinexwijk. Het verkeer in de Randstad staat vrijwel stil. Wil de economie weer gaan draaien, dan zal de beweging van goederen, mensen en ideeën moeten worden losgemaakt.

Scherf 13 door SeARCH in Leidsche Rijn. Foto Iwan Baan. Gepubliceerd in de Architect, november 2006

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels