blog

New Town in Laos

Architectuur

De Democratische Volksrepubliek Laos werd in 1975 uitgeroepen toen de communisten de macht grepen. Net zoals in China worden het Marxisme en de Leninistische ideologie langzaam losgelaten. Het communisme heeft na de oorlog voor stabiliteit gezorgd. Vele dorpen hebben elektra, schoon water, scholen, ziekenhuisjes etc.

New Town in Laos

Er zijn wel griezelige zaken te melden zoals genocide op de Hmong maar Cambodjaanse gruwelijkheden hebben zich in dit land niet voor gedaan. Behalve met de Hmong leeft men in relatieve vrede in dit multi-etnische land. Er leven drieëntwintig verschillende bevolkingsgroepen in Laos. De visie die duidelijk ook door de regering en de jeugd wordt uitgedragen is: weg met de armoede, de strijdbijl begraven, samen vooruit en vooral niet terug kijken.

Ik heb zelden in mijn leven zo een vriendelijk, sterk, veerkrachtig, beleefd, gastvrij, knap en vooral vrolijk volk gezien. Het vertellen van een goede grap is een geliefd Lao gebruik. Beer Lao is het grootste bedrijf van het land. Men houdt van eten en koken. Door de zware arbeid zijn deze kleine mensen gespierd als worstelaars met dik stijl zwart haar en hagelwitte tanden. Een fijn getekend oranjebruin gezicht met Chinese trekken, scherpe amberkleurige ogen met sterretjes. De vrouwen dragen bijna allemaal de traditionele sarong die vertelt wie je bent en waar je woont. In de dorpen aan de rand van de jungle, rondom de vele rivieren, watervallen, stroomversnellingen en koele poelen plonzen loom de waterbuffels rond met hun lichtblauwe neuzen. De honden en katten hebben er vrede gesloten. De rijst stoomt op een vuurtje in een geblakerde pot. Zwarte babybiggen kirren achter moeder hangbuik aan. Lelijke dikke eenden met enge bobbelflubber snavels lopen achter de kippen aan. De Amerikanen hebben er in de oorlog hun kalkoen geïntroduceerd. Dikke opgeblazen Kalkoenhanen zijn nog lelijker dan flapvoet eenden. Men plant de rijst met de hand, plant voor plant. De kinderen en vrouwen van het dorp wassen zich bij zonsondergang in het stromende koele water. In de verte boven de waterdampnevel staat een kleine tempel tussen de bomen. Daar wonen de oranje monniken met hun reuze drum en gongen. Daarachter de altijd fluisterende jungle. Zo is het sinds eeuwen, zo was het toen de Fransen er zaten die er de koffieteelt introduceerde en zo is het nog steeds in januari 2010, maar de vooruitgang bonst sinds 1990 op de deuren van het land.

Het ruige bergachtige Laos, met amper zeven miljoen inwoners ligt ingeklemd tussen Thailand, Myanmar, China, Vietnam en Cambodja. Laos is qua oppervlakte zo groot als het Verenigd Koninkrijk en wordt doorsneden door de beroemde Mekong rivier. Als enige land in de regio heeft Laos geen kustlijn. De ligging, de bergen, de uitlopers van de Himalaya, het harde klimaat en de woeste tapijtachtige jungle hebben Laos eeuwenlang moeilijk toegankelijk gemaakt voor reizigers over het vaste land. Behalve op twee plekken. Er is een eeuwenoude route vanuit Noord India via de Plain of Jars in de noordoostelijke provincie Xhieng Xhuang naar Noord Vietnam of in het Zuiden via het Boleven Plateau naar Saigon. Voor de rest jungle, bergen, water en enge beesten, zoals de zes (!) meter lange, kannibalistische geheel zwart geklede King Cobra.

Laos heette in de veertiende eeuw Lan Xang, het rijk der miljoenen olifanten.

In de hoofdstad Vientiane zijn maar een paar stoplichten.


Naast de overmaatse parade plaats en sovjet architectuur de National Essembly te Vientiane.Het controlerend Lao PDR orgaan.

In Laos is nog volop authentieke communistische propaganda. Vooruit wil men! Foto Phonsavan 2009.


Best lelijke triomfboog met een Aziatisch tintje in de hoofdstad het nationaal Patuxay monument. Gebouwd van beton geschonken door de Amerikanen voor de wederopbouw van infrastructuur.

  Pal naast al dit beton staat een van de heiligste boeddhistische Stupa’s van Laos de Pha That Luang. En dit maakt de gehele omgeving mystiek en onwerkelijk.

Er zijn nauwelijks goede wegen in Laos waardoor het reizen een stoffige, hectische en vermoeiende bezigheid is. Zelfs in 2010 is het een hele toer om je over de Noordelijke onverharde wegen te verplaatsen in dit treinloze land. Laos is het meest gebombardeerde land ter wereld. Het land ligt bezaaid met unexploded ordnance (UXO) made in the USA. Op de stukken verfomfaaid metaal bevinden zich aluminium etiketten als ‘US Air force’ ‘Camden Ark 10 -1971’. Op een ander stuk metaal staat ‘rocket launcher, airborne, Chromcraft division Alsco Inc, St Louis Missouri USA 1969’. Zo is er een spoor van merkwaardige titels en data te vinden.

Laos verdeeld is anno 2010 tussen de nieuwe rijken uit Vientiane, Udomxai, Luang Prabang, Luang Namtha en Phonsavan. De nieuwe rijken, ondernemers die net zoals in de voormalige Sovjet unie de kansen die zich aandienden hebben gegrepen sinds het land in 1990 de deuren opende voor de buitenwereld.


De bevolking heeft sinds 1990 ‘de nieuwe rijken ‘ en die hebben net zoals in Nederland hun eigen architectuur.

In scherpe tegenstelling de armoede van het platte land waar de meeste mensen wonen.


Foto Nong Kiau 2010.

Voor de armen heeft een ideologie als kapitalisme of communisme weinig betekenis. Men is druk bezig het hoofd boven water te houden. Alle kleine nederzettingen zijn selfcontaining zoals de rijstboeren rondom Nong Kiau, en voorzien in hun eigen voedselbehoefte maar er blijft niets over om te verhandelen. Behalve Beer Lao produceert Laos niets dus alles moet worden geïmporteerd. Het straatarme Laos omarmt thans Chinese private investeerders door te verkopen wat ze het meest heeft: land. De Lao premier Somsavat Lengsavad zegt in 2008 dat de Lao regering “land zal verhandelen voor kapitaal”.

De Boten International Golden City Project. De North South Economic Corridor snelweg is geel op de kaart. In 2007 was China al met 40% – 1.1 biljoen dollar- de grootste investeerder in Laos en domineert thans de economie.


Op de Lao National TV de LNTV wordt de aanschaf gevierd van het eerste straalvliegtuig gekocht van China januari 2010.

En zo is met 430 nieuwe bruggen en 15 slanke tunnels aan de Chinese zijde de “North South Economic Corridor” ontstaan, een 1800 kilometer lange tweebaans slingersnelweg gefinancierd door China en Thailand. Langs hetzelfde traject komt een pijpleiding die olie en gas vervoert van de olieplatforms van de Birmese junta uit de Bengaalse zee naar China. Oplevering dit jaar of volgend jaar. De weg voert langs de mooiste natuur ter wereld en verbindt de Zuid Chinese stad Kunming met Bangkok in Thailand. Dit is een mijlpaal, immers eeuwenlang hebben de bergen de Lao en de Thai beschermd tegen de machtige buurman China. Deze weg is voor en naar de zuigende economie van China: olie, rubber, palmolie, tropisch hout, mineralen, goud, koper en edelstenen. Thailand verstevigt haar positie als Gateway to South East Asia fors met deze route. Hoewel officieel illegaal maar aanwezig is de gruwelijke handel in Lao Wildlife. Zoals zwarte Himalaya beren, mijn geliefde slangenvangende mangoesten, en de mooie civetkatten. In dikke schijven gezaagde tropische woudreuzen worden als pronk-knoesten-tafel te koop aangeboden in Beijing voor 20.000 euro. Honderden jaren oude Boeddhistische kunst en natuurlijk opium vinden hun weg. Met de zeventigduizend dollar op zak die je voor een dode Bengaalse tijger krijgt hoef je in Laos nooit meer te werken. De wildlife handel is geconcentreerd rondom Boten.

De oude WO II Birma-oorlogsroute krijgt een nieuw leven en wordt opgenomen in het tracé. Foto Kanchanaburi, Thailand 2006, in het bizarre Bridge of River Kwai Museum.


Foto Xieng Khouang 2010. De opiumpapaver.

Na eeuwen isolatie, tribale strijd, WO II, Indochina war I, Indochina War II beter bekend als de Vietnam oorlog, staat de multi-etnische bevolking aan de periferie van Noord Laos, Birma en Noord Vietnam -tot nu toe nauwelijks bereikbare plaatsen- anno 2010 plotseling in contact met het decadente Thailand en het ongenaakbare China. Sinds 1990 is de regio het terrein van Etnisch Toerisme. Elkaar verdringende, druk fotograferende westerse toeristen met Canons en Nikon’s. Sportief gekleed volgens de laatste outdoor mode met gekleurde bergschoenen en bijpassend Fallraven sjaaltje. ”Interaction with the locals”: Drie dagen klauteren en ploeteren door de jungle met gratis bloedzuigers in je onderbroek. Even een Ahka huwelijksceremonie bijwonen, vervolgens een Hmong begrafenis en na een kanotocht slapen in de jungle bij de Kmou. De laatste avond een feestmaal: een waterbuffel ritueel geslacht zoals in de film Acopalyse Now. Dan terug op een olifant lekker douchen en een massage in het ressort. Redmon o’Hannlon op maat. En alles fotograferen wat je ziet, voor thuis. Maar op zich niet slecht voor de stammen zelf. Zolang het maar met gidsen gaat en met toestemming van de stamhoofden. De regio die ooit voor 70% van de wereld opiumproductie verantwoordelijk was, de Gouden Driehoek, heeft een snelweg gekregen. Het toerisme zal enorm toenemen.

De Lao regering tracht nog onder oude druk van George Bush’s War on Drugs nieuwe plantensoorten als vervanger van de Papaver te introduceren. Dat valt niet mee omdat door de Afghanistan oorlog de opium prijs met 60% is gestegen.

Noord Laos wordt voornamelijk bewoond door etnische groepen. Deze leiden een deels nomadisch bestaan in de jungle en beoefenen de verwoestende “slash and burn” akkerbouw. Een door de regering erkend probleem. Daarom wil men de stammen uit de hoge jungle hebben en een nieuw leven, met ander landbouw aanbieden in de lagere dalen. Het moet omdat er straks geen jungle meer over is. Het zijn de Hmong, Tai Lue, Akha, Yao, Tai Neua, Tai Dom, Kmou en Lolo stammen. Elke stam heeft zijn eigen gewoonten en cultuur. Men onderscheidt zich met zelf geweven klederdracht in verbluffende kleuren en geometrische patronen. De textielkunst is van wereldklasse. De Hmong zijn het grootst in aantal en verbouwen opium die er officieel niet is. Corrupte Lao legerofficieren doen de lucratieve groothandel. Er zijn vele strubbelingen tussen de Hmong en Lao regering die nog steeds de Hmong als verraders ziet wegens hun in CIA-dollars betaalde hulp aan de USA tijdens de Secret War. In dit conflict gaat het er niet kinderachtig aan toe. Hoog in de bergen draagt iedereen wapens, de M16 en de AK 47. Amnesty International maakt zich zorgen om de Hmong die onlangs zijn Noord Thailand uitgezet.

Door de aanleg van Route 3 groeien voorheen onbekende plekken als de Noord Lao-Chinese grensplaats Boten, Luang Namtha, Muang Singh en het centraler gelegen Udomxai, iIn de Secret War nog geheel verpulverd door USA bommen, uit tot mini stadjes. Compleet met glimmende Chinese hotels, casino’s, hoeren en Hummers. Voor Chinezen, door Chinezen en alleen met Chinees geld. De Casino’s zijn verboden voor de Lao. Natuurlijk worden er grote zorgen door NGO’s , journalisten, betrokken Lao uitgesproken over de impact van deze ontwikkeling op de Lao bevolking.

In de kranten en zelfs de NYT duikt het woord ”Chinese invasion” op. Van enige stedebouw of planning is weinig te merken. Men bouwt in een lint langs de wegen, geen blokken, geen pleinen: recht zo die gaat. De periferie van Vientiane is daar een voorbeeld van. De Chinese bouw is fors en de grote lege 200-kamers-hotels zien eruit als ruimteschepen in de stoffige jungle. De jonge Lao bevolking zelf, de twintigers, die ik samen met mijn vriendin Anouk spreek, verwelkomen de vooruitgang. Men is de armoede zat, de rokerige hutjes, de scharrigheid, men wil vooruit. Internet, een Iphone, een 125cc Honda scooter, een stenen huis, riool, water en goed onderwijs. Geld wordt er met bakken verdiend verdiend in de grensstreken. De handel gaat sinds 2007 elk jaar met de factor 100 omhoog. Verder op de machtige rivier de Mekong hebben de Chinezen en de Thai grootschalige baggerwerkzaamheden uitgevoerd om deze beter bevaarbaar te maken. Thans gaan appels, peren en sla snel vanuit China per boot naar Thailand. Een effect heeft deze route al: de Nederlandse zeer winstgevende monopolie op de bloemenhandel in Bangkok is gesneuveld tegenover de spotgoedkope Chinese rozen.


Oudomxai 2010. Bergbewoners tegen over Chinese bouwplaats.

Bergbewoonster naast Chinese ontwikkeling in Udomxai in de ochtend mist.


Muang Singh. Verkoop LaoLao een vaag destillaat van 65% alcohol. Meisje eet van haar verse Noedel soep om 07.00 uur in de ochtend.

Oudomxai ATM. E en paar jaar geleden waren er geen ATM geldautomaten in Laos.


Udomxai 2010 Chinese ontwikkeling.

Udomxai. Veel van deze Chinese ontwikkelingen staan leeg.


Luang Namtha heeft men de hooggelegen stupa gerestaureerd na een vernietigend geheim USA-bombardement in 1966. Krakend fris beton met goudverf 2010.

Luang Namtha marktplein met ruim 200 (lege) kamers Royal Hotel net op geleverd.


In Luang Namtha zijn verscheidende grote Chinese gefinancierde gebouwen verrezen in amper twee jaar.

Chinees Lao Cultural exchange centre in Luang Namtha 2010.


Chinees Lao Cultural exchange centre in Luang Namtha. Het gouden reliëf op de gevel is decoratie in de typische Luang Prabang stijl.


Nieuw Rijk Lao meisje op een Chinees skateboard in Luang Namtha, januari 2010

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels