blog

Schippers en architecten

Architectuur

Wat is de overeenkomst tussen schippers en architecten? Op het eerste gezicht niks: water, in plaats van land; fysieke arbeid in plaats van schetsen en praten; lege natuur in plaats van bouwen. Zo zijn er nogal wat schijnbare tegenstellingen te bedenken. Des te opvallender dat, kort achter elkaar, twee scheepsvertellingen een sterk beeld opriepen dat typerend is voor de architectenwereld.

Schippers en architecten

“Jullie in Europa zijn alleen maar bezig met het heen en weer schuiven van dekstoelen op de Titanic” vertelde een geëmigreerde Nederlander mij in het sterk ontwikkelende Brazilië. Deze treffende beeldspraak beschrijft feilloos de discussie tussen architecten onderling over de positie waarin de branche terecht is gekomen. Onze vorige blogs hebben heftige reacties opgeroepen van voornamelijk collega-architecten. Vaak instemmend en opgelucht, soms ‘badinerend, onzinnig, gemakkelijk’. Ook de kreet ‘BNA bashing’ is voorbijgekomen. Op zich goed, want een onderwerp dat sterk leeft, roept zowel herkenning en ontkenning op.

 

De felste reacties komen van architecten want niemand anders maakt zich druk over deze discussie. Want terwijl architecten overtuigd blijven van hun eigen onmisbaarheid, hebben ze nauwelijks in de gaten dat ze steeds minder bij het gesprek om hen heen worden betrokken. Terwijl het krachtenveld in hoog tempo verandert en partijen nieuwe allianties smeden staan zij te schuiven met dekstoelen, driftig te discussiëren of de zonnige kant van het dek aan stuurboord of bakboord ligt. En wie op een stoel mag liggen en voor wie geen plek meer is. Maar ondertussen zit een flink gat in de romp van het schip. Ondanks de alarmerende berichten bleef ook op de Titanic de bemanning rustig en speelde het orkest gewoon door …

In onze vorige blog ‘Olie op het vuur’ wordt aangestuurd op het niet langer blijven schuiven met de dekstoelen maar direct naar het lek in het onderliggende schip te kijken: De crisis heeft de situatie in de branche verergerd, maar is in essentie niet de oorzaak. De huidige situatie in de architectenbranche moet vanuit een veel breder en hoger blikveld worden bekeken. Nodig is een analyse waar de zwakheden zitten en welk mechanisme ervoor zorgt dat het lek zoveel schade aanricht.

Het onderzoek dat Arie Verbeek deze zomer deed in opdracht van de minister van Verkeer en Waterstaat over de binnenschippers bevat (ook voor architecten) treffende analyses over de malaise in de schippersbranche: In de Volkskrant van 5 november 2010 zei Verbeek in een interview met Yvonne Hofs: “Er is geen gezonde machtsverhoudingen in de schippersbranche. Hun opdrachtgevers, de verladers, staan veel sterker.” Maar Verbeek signaleert ook een gebrek aan werkelijke overtuiging: “Een van de dingen die ik schippers verwijt is dat ze niet duidelijk kunnen maken wat hun toegevoegde waarde is boven transport over land”.

De analyse van de onderliggende oorzaken volgt verderop in het interview: “Schippers zijn pure individualisten. De angst voor samenwerken komt voor uit angst voor verlies van vrijheid. Het schipper-zijn zien ze niet als beroep of bedrijf, maar als levenswijze. Zolang een schipper zijn dieselolie kan betalen blijft hij doorvaren.” En daar ligt de relatie tussen schippers en architecten: onze kracht, onze ‘leefwijze’ is tegelijkertijd onze zwakte. Hoe kan je anders verklaren dat de architectendiensten voor een brede school onlangs zijn aanbesteed voor 20% van de offerte van een ervaren bureau dat op kostprijs inschrijft?

Marianne Loof, LEVS architecten

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels