blog

Woongebouw MVRDV nieuwe icoon in Madrid

Architectuur

De vader van onze kat is architect en wel Theo Hauben te Rotterdam. Zijn architectenbestaan in combinatie met de krolse Poes bleek een ramp. Poes werd liefdevol gesteriliseerd en overgenomen door mijn vriendin. Poes’s kortstondige relatie met de architectuur verklaart volgens mij haar voorliefde voor de rechthoekige doos. Dit is een serieuze zaak voor Poes, de dozenliefde.

Woongebouw MVRDV nieuwe icoon in Madrid

Poes heeft er een hekel aan als ik op reis ga. Ze weet dat door mijn gescharrel met lenzen en fototroep. De appelgroene, hightech fiber koffer op handige vier wielen, waar tezamen met de nodige onderbroeken mijn statief net inpast, wordt door Poes gehaat. De nacht voor mijn vertrek naar Tokyo in 2007 plaste Poes bedachtzaam en langdurig op mijn Billingham fototas. Dit is een degelijke Engelse fototas die goddank waterdicht is. Mijn vriendin zegt dat Poes veel van mij houdt.

Voor MVRDV maakte ik afgelopen week in de wijk Sanchinarro te Madrid een fotoreportage. Dit is mijn vierde zakelijke bezoek aan de stad. Sinds mijn laatste bezoek in 2004 zijn er aan de Madrileense horizon vier pronte torens verschenen.

Respol Tower [250 meter], Torre de Christal [250 meter], Torre Sacyr Vallehermoso [240 meter] en de Torre Espacio [240 meter] zijn alle opgeleverd in 2007, maar staan thans grotendeels leeg door de crisis.

De wijk Sanchinarro ligt aan de noordoost kant van Madrid en wordt ingeklemd tussen drukke snelwegen en de M-40 ringweg. Het is een saaie wijk die bestaat uit eindeloze kubieke meters diarree woningblokken, alle in dezelfde stijl en dezelfde kleur. Het is niet Retro en niet Modern, het is eerder veel. Inmiddels is de Metro doorgetrokken en kan je vanuit de wijk vlot naar het centrum reizen. De Metro is prachtig, ruim en schoon, goedkoop, snel, frequent en rijdt tot 02.00 uur ‘s nachts. Rondom de Mirador die er nog steeds fris en fier bijstaat, zijn sinds mijn laatste bezoek verschillende gebouwen verrezen. Een laag bakstenen woongebouw heeft een oranje geschilderde plint gekregen. Er is spichtig groen en er zijn parken, maar alles oogt fantasieloos. Door de droogte hebben de planten en de bomen het in Madrid zwaar. Water is in deze hete en stoffige stad met 4,5 miljoen inwoners een bijna dagelijkse zorg.

Het stratengrid van Sanchinarro is rigide en ontlokt niet de levendigheid die kenmerkend is voor de bonte Spaanse cultuur. Madrid blinkt niet uit in het inrichten van de openbare ruimte, want er zijn veel lelijke pleinen, lelijke kunst en protserige gebouwen. De stad leeft en bruist en dat maakt het leven aangenaam. Madrid is het centrum van de macht en dat voel je en zie je, de stad is conservatief.
In de uitbreidingswijk zijn weinig plinten met kleine cafés te vinden. Veel appartementcomplexen zijn ommuurd en vergrendeld, met bewaking. Overdag lijkt het een mix van de vroege Alexanderpolder en de huidige Bijlmermeer met de rust van een doorsnee VINEX wijk.
De wijk wordt gedomineerd door een reusachtige HYPERCORE shoppingmall van El Corte Englese. Je kunt er van alles kopen. Naast de supermarkt kan je, terwijl je partner LUPO design tassen koopt of Tommy Hilfinger babykleren, je eigen begrafenis regelen en een mooie doodskist uitzoeken. Daarna koop je samen met je geliefde een nieuwe accu voor de auto welke je het jaar ervoor ook financierde bij El Corte Englise. En handig: tanken en auto wassen doe je ook bij El Corte Englese. “Welcome to Hotel Sanchinarro, it’s a lovely place“.

Het andere icoon is de door MVRDV in 2003 opgeleverde wooncomplex Mirador midden in Sanchinarro.

Dit gebouw heeft een werkelijk adembenemend zicht op de Siërra de Guadarrama. Het tweede gebouw van MVRDV in Sanchinarro, de Celosia, is vertraagd door de crisis en is net opgeleverd. De eerste bewoners trekken er thans in. Toch is het gebouw nu al gepubliceerd in de internationale architectuurbladen.

Toch is het pas echt op 27 oktober klaar. Hora Est.


Links de Celosia, in het midden de Spaanse woonblokken, rechts de Mirador.

In vijf dagen en vier nachten maak ik een mooie serie. Bij terugkomst is Jacob van Rijs blij en dat is belangrijk voor mij. Op zondagochtend om zes uur klim ik stiekem over een bedauwd hek en kom ik via een brandtrap op het dak van een gebouw. Ik voel me even als mijn zoon Cas en maak bovenstaande foto.
De avonden bezoek ik vrienden en eten we bij Sol in een restaurant uit 1072. Het is 25 graden Celsius in Madrid. De Spanjaarden spreken hun verbazing uit over de hoge temperatuur. In de Metro is het goed mensen kijken. De vierenhalf miljoen Madrilenen zijn kalm, beleefd en rustig. De stad is schoon maar gortdroog en stoffig. In heb medelijden met de bomen. De mensen maken graag een praatje. Ik kan het Spaans goed volgen, voor het eerst.
Er is weinig “blauw”op straat (al hebben de Spaanse collega’s groenen uniformen), dit in tegenstelling tot in Rotterdam waar je tegenwoordig over de agenten en VW busjes struikelt. In sommige wijken wonen meer immigranten dan Spanjaarden maar dat leidt niet tot Geert Wilders geleuter. Mijn vrienden, zelf immigranten uit Equador, voelen zich veilig en gewaardeerd in het centrum van Madrid. Er is volop lekker eten. Gefrituurde pepers, inktvissen, gegrilde groenten, Patatas Bravas en Jamon Iberico: Spanje is heerlijk.

Bij mijn terugkomst in Nederland val ik in de première van de openingsfilm van het Architectuur Film Festival in Rotterdam. Deze wordt gehouden in Hugh Maaskant’s Hofpleintheater dat nu heel hip Jeugdtheater moet heten. Zo is ook in Rotterdam de mooie naam Museum voor Land en Volkenkunde omgedoopt tot Wereldmuseum.

De akoestiek is perfect. Jord den Hollander, initiator en voorzitter, kan wat mij betreft zo op de TV. Ik loop Rein Jansma tegen het lijf, met wie ik een bekroond boek maakte. De architectuurfotograaf Jan Versnel kwam op de verjaardagen van Rein en zo raakten wij in gesprek. Ik kocht van Jan vier grote Barietdrukken op het voormaat 50*60 cm. Jan drukte ze zelf voor mij af in zijn eigen doka te Durgerdam waar dezelfde Agfa Variomatic 6*9 cm vergroter stond als bij Ruud van Bueren. Twee jaar later overleed hij. Zo ook recent Julius Shulmann wiens werk ik zeer bewonder.
Het was enig Julius te zien in de film waarin echter iedere enige diepgang (Joods, Oorlog, Dood, Immigrant, armoede wederopbouw) ontbrak. De cameravoering van de documentaire was ronduit slecht en kabbelde van het ene babbelgesprek naar het andere. Zonde, want met script, regisseur, camera en editor had men toch GOUD in handen gehad.
Leuk was te zien dat “mijn“ Julius dezelfde SINAR P2 camera met Duitse lenzen gebruikte die ik ook 10 jaar lang hanteerde. En dat hij zich ook bezondigde aan het inflitsen van mensen en het nabelichten van de nachtskyline van Los Angeles. Deze “trucs” leerde ik van Ruud van Bueren. Dus een beeld opbouwen door middel van verschillende belichtingen en dit eindeloos “proofen” op Polaroid.

De opkomst was hoog, het was gezellig en erg warm. Nu is het alweer dinsdag. In mijn volgende blog zal ik over Rotterdam berichten.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels