artikel

Nieuwe Rotterdamse woontorens wortelen in bestaande stad

Architectuur

Hoewel je niet meer kun stellen dat Rotterdam de enige Nederlandse stad met skyline is, blijft Rotterdam koploper in hoogbouw. Komende jaren versterkt de Maasstad die positie met de realisatie van een flink aantal woontorens. Wij vroegen drie architecten naar hun ontwerp. Zij realiseren zich dat uitzicht niet de enige kwaliteit van hoogbouw is. Hoe ontwikkelt zich deze typologie?

Tekst Willem Wopereis

Hoogbouw lijkt van nature verwikkeld in competitie. Al ver voor de realisatie leggen architecten en ontwikkelaars hun plannen strategisch aan de dag. Met 218 meter wint de Zalmhaventoren door Dam & Partners de wedstrijd ‘wie heeft de hoogste’. Powerhouse Company duidt bijvoorbeeld de Baan Toren als smalste toren van Europa. Achter deze laag pr gaan ver doorontwikkelde plannen schuil, waarmee architecten de kwaliteiten van hoogbouw maximaal benutten. De hoge dichtheid geeft financiële ruimte, die ze steken in collectieve voorzieningen.

Willemstoren door IWT – Studio for New Realities

De jonge architecten Bastiaan Kalmeyer, Chantal Schoenmakers en Jeroen Zuidgeest richten zich met de Willemstoren op interactie tussen de bewoners. Ze optimaliseerden de hoofdstructuur van drie woonblokken om ruimte vrij te maken voor een grote lobby die als woon-werkkamer door alle bewoners kan worden gebruikt. Deze lobby wordt met een doorgaande trap verbonden met een eveneens collectief dakterras. Die voorzieningen maken dat je thuis meer is dan je eigen appartement.

Willemstoren, beeld IWT

In de appartementen worden de woonvertrekken voorzien van een verdiepingshoge, glazen pui over de volledige breedte van de woning. Daarachter liggen balkons in een licht getrapte plattegrond om contact tussen buren te stimuleren. De verspringing in het gevelvlak karakteriseert ook het beeld aan het Willemsplein, waar het complex zich het sterkst als toren manifesteert.

Zalmhaven door KAAN Architecten

Naast het hoogste gebouw van Nederland vallen ook twee lagere torens onder het project Zalmhaven. Deze zijn ontworpen door KAAN Architecten en worden verbonden door een vierlaagse plint die het project inbedt in de buurt. In deze plint komen hoge stadswoningen met voordeuren op de begane grond. Op het dak ervan wordt een grote daktuin aangelegd voor gemeenschappelijk gebruik. Daarmee speelt het ontwerp in op de groeiende behoefte aan gezinswoningen in de stad.

Zalmhaven, beeld KAAN Architecten

Om de bezonning van het naastgelegen park te waarborgen, verschuiven de torens in hun middellijn. Tegelijk ontstaan hiermee zes buitenhoeken per toren waardoor elk appartement overhoeks uitzicht krijgt. Op deze hoeken liggen de balkons boven elkaar om de verticaliteit te benadrukken. Ze vormen een aanvulling op het verfijnde gevelgrid dat het hele complex tot eenheid maakt.

Cooltoren door V8 Architects

Het uitzicht vieren was het uitgangspunt van de honderdvijftig meter hoge Cooltoren door V8 Architects. Om dit te maximaliseren haalt de toren zijn stabiliteit uit de kern en worden de randen gedragen door kolommen. Met lange bandramen en open hoeken wordt het wonen op hoogte goed benut.

Cooltoren, beeld V8 Architects

Opvallend is de ‘middenkroon’ halverwege de toren die qua hoogte refereert aan de voorgaande hoogbouwgolf. Op deze vier lagen liggen penthouses met doorgaande terrassen. Aan de voet van de toren komen twee blokken die qua schaal aansluiten op de wederopbouwpanden. De achtergelegen expeditiestraat wordt geactiveerd door een grote, gemeenschappelijke fietsenstalling voor het gehele complex.

Maaiveld

Wat de ontwerpen verbindt, is dat ze aansluiting zoeken met de omgeving. Het volume in de lucht landt niet rechtstreeks op de grond, maar wordt ingebed door een laag die aansluit op het straatniveau. De verbinding die hiermee met de stad wordt gelegd, lijkt essentieel voor het slagen van stedelijke hoogbouw. Vanwege de toename van de dichtheid leent die zich immers goed voor publieke of gedeelde voorzieningen.

Plint van de Willemstoren, beeld IWT

Naast de (vaak gewenste) anonimiteit die bewoners binnen hun eigen appartement ervaren, bieden deze voorzieningen kansen om het onderlinge contact en daarmee de leefbaarheid te versterken. Het gevoel van stedelijk leven met mensen om je heen wint zo aan kracht. Dit geldt zowel voor de toekomstige bewoners als voor de huidige gebruikers van de plek. Als de architecten hun ambities weten te verwezenlijken, spelen de woontorens daarmee niet alleen in op de vraag naar woonruimte, maar kunnen ze ook de kwaliteit van de openbare ruimte versterken.

 


Lees hier wat de architecten over hun ontwerp vertellen

Reageer op dit artikel