Is hoogbouw de oplossing voor de krapte op de woningmarkt?

Foto Ossip van Duivenbode

artikel

Is hoogbouw de oplossing voor de krapte op de woningmarkt?

Architectuur

In Amsterdam moeten de komende twintig jaar naar schatting zo’n 80.000 woningen worden bijgebouwd. Is hoogbouw daarvoor de oplossing? Maxime Verhagen van Bouwend Nederland vindt van wel, zeker voor Amsterdam. De bouwwereld is echter verdeeld. Er zijn ook mensen die hoogbouw een achterhaald en ineffectief idee vinden. Sjoerd Soeters is zo iemand die bepaald niet warm loopt voor hoogbouw. In het artikel ‘Hoogbouw is een achterhaald en ineffectief idee’ dat eind december in het Algemeen Dagblad verscheen, zegt hij: ‘Hoogbouw is veel te duur en levert bovendien helemaal niet de gewenste woonruimte op.’

Soeters: ‘Hoogbouw wordt meestal gepropageerd met de argumentatie dat je dan de dichtheid in een stad kunt vergroten, maar dat is helemaal niet zo. Dat is bedrog. Dichtheid wordt bepaald door de opbouw van het aantal appartementen in vierkante meters en het aantal parkeerplaatsen dat daar min of meer bij hoort. Het probleem van hoogbouw is dat het veel ruimte om zich heen nodig heeft, al was het alleen maar om te voorkomen dat het teveel schaduwwerking op de omliggende gebouwen heeft.’

Lees ook: Nederland internationaal niet gezien als hoogbouwland

Volgens Soeters is hoogbouw ook niet geschikt om woningen te bouwen voor mensen met een wat krappere beurs. ‘Met name voor de goedkope en middenprijzen is hoogbouw absoluut geen oplossing. Het is veel duurder en minder efficiënt dan zes of zeven woonlagen. Als je boven de vijftig meter komt, moet je veel intensievere veiligheidsmaatregelen nemen, zoals vluchtwegen en brandweerliften. Daardoor wordt het een hele dure affaire en die maatregelen gaan ook nog eens ten koste van de woonruimte.’

Hoogbouw is als een avocado

Een hoge woontoren met veel woonlagen wil volgens Soeters dan ook niet zeggen dat je er veel woningen bij krijgt. ‘Hoogbouw is als een avocado. Naarmate het gebouw hoger wordt, wordt de pit groter en wordt het rendement voor het vloeroppervlak geringer. Dat daalt zelfs van zeventig tot tachtig procent naar vijftig procent. Bovendien is onze bodem niet geschikt voor hoogbouw. Bij ons in Amsterdam bijvoorbeeld moeten we tussen de 25 en 50 meter diep palen slaan voor hoogbouw en dan staat het hele zootje alsnog op naaldhakken te ‘tutelen’.’

Na plaatsing op onze facebookpagina stroomden de reacties binnen.

Robbert Guis schreef ‘Wat kan ik mij ergeren aan dit artikel. Mijn advies voor een gezonde discussie over onze toekomstige leefomgeving is: Stel deze vraag eens aan wat jonge bestuurders en architecten. En meneer Adema beweert zelfs het volgende. “De oplossing voor de krapte op de woonmarkt moet volgens Adema dan ook vooral gezocht worden buiten de grote steden. Hoogbouw in een binnenstedelijk gebied is maar een niche in de bouwmarkt. We moeten ons blijven focussen op de uitleglocaties, de locaties buiten steden en dorpen dus. Daar moeten nieuwe normale woonwijken komen, met eengezinswoningen.” HALLO. Essentieel voor onze nieuwe economie is het verdichten van steden. Willen we meer in cirkels gaan denken in plaats van groei, dan zullen we onze huidige steden beter moeten inrichten en bestaande stromen in de stad beter op elkaar moeten afstemmen. En dus geen monofunctionele woonwijken aan de rand van de stad meer bouwen. Om daar vervolgens weer nieuwe infrastructuur naar toe aan te leggen. Het modernisme is voorbij. We gaan toe naar steden waarin gemixt gewoond en gewerkt wordt. En waarin alles in samenhang met elkaar functioneert.’

Ook Miguel van den Berge is het niet eens met het standpunt en de argumentatie van Soeters. De reden dat de meeste hedendaagse hoogbouw bestempeld zou kunnen worden als inefficiënt is omdat architecten nog niet genoeg onderzoek hebben gedaan naar het herdefiniëren van de vorm van de stad. ‘De modernistische benadering biedt een goed startpunt maar is anno 2017 achterhaald. Verdichting van de steden in de vorm van hoogbouw biedt enorme kansen voor de architect; onderzoek naar het opnieuw benaderen van onze stedelijke plint en zowel horizontale als de verticale transities tussen publiek en privaat zijn ongelooflijk interessant en in mijn optiek de toekomst.’

Dennis Snijders zegt: ‘Er staan veel losse beweringen in het stuk zonder dat er een cijfermatige onderbouwing aan te pas komt. Ja, bij hoogbouw is meer ruimte nodig voor liften en schachten (of extra technische ruimtes elke pakweg 20 verdiepingen), en ja, de verhouding vvo/bvo is een uitdaging (zeker bij stapelen van bijvoorbeeld kantoor-, woon- en parkeerfuncties) en ja, dat – en allerlei andere factoren- resulteert in hogere m2-prijzen. Het is daarom de markt die bepaalt of er ruimte is voor hoogbouw in een stad.’

Rémon Mulder Koen Soontiëns gaat zelfs verder. Voor hem valt Soeters van zijn voetstuk af en wordt het ‘tijd om een nieuwe held te zoeken.’

Soeters stuit dus massaal op afwijzing. Toch was er ook een positieve reactie. Carl-peter Goossen is het met hem eens: ‘Bouw tot 13 m hoog en je hebt de meest effectieve bouw die er bestaat. Liefst portiekflats en duplex woningen van 4 verdiepingen, dan kunnen twee gezinnen boven elkaar wonen.’

Bron oorspronkelijke artikel: AD

Meer resultaten over Hoogbouw

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels