artikel

Wonen in 16Hoven: pastorale idylle

Architectuur Premium

Door Andrea Prins – Alom wordt de Nederlandse woningbouw van het verleden geprezen om zijn streven naar een kwalitatief hoogwaardige leefomgeving – juist ook voor de minder rijken. Dit was mogelijk door een uniek verbond tussen overheid en ruimtelijk ontwerpers. Het prijzen gebeurt zo vaak dat het haast een bezwering lijkt. Maar waarom laten we het wonen nu volledig over aan ‘de markt’?

Buiten wonen en toch ‘zo in het centrum van Rotterdam staan’: met deze slogan werft de gemeente Rotterdam voor de nieuwe wijk Park 16Hoven, gelegen tussen A13, A20 en het vliegveld. Groen en stadswonen sámen. Bij deze belofte moest ik direct denken aan Ebenezer Howards gretig misbruikte concept van de tuinsteden, en een beetje aan Hans Scharouns Stadtlandschaft.

De Groene Waaier, foto Christiane Wirth

In Park 16Hoven zullen tijdens de eerste twee fasen circa 1.500 woningen worden gebouwd[i], een niet gering gedeelte van de in totaal 31.000 woningen die de stad tot 2030 nieuw wil bijbouwen. Hiermee speelt men in op de verwachte bevolkingsgroei van 47.000 inwoners.[ii] Een simpele rekensom leert dat dan in elke nieuwe woning gemiddeld 1,5 mensen zullen leven. Gezien de veroudering en de algemene trend tot het eenpersoonshuishouden lijkt me dit een slim uitgangspunt. Ten minste ten dele kleine woningen, zou je dus denken, toegesneden op deze doelgroepen. En flexibiliteit van de plattegronden, want bijna iedereen weet uit eigen ervaring dat de levensplanning nog weleens onverwacht wil wijzigen.

Een rationele opbouw

In Park 16Hoven keren, volgens de gelijknamige website, ‘de karakteristieken uit het oude polderlandschap terug’. De noord-zuid lanen volgen de richting van de voormalige sloten en er is veel water. De wijk heeft een uiterst rationele en een in die zin aan polders verwante opbouw: van hogere woonblokken en rijhuizen in het oostelijke gedeelte via projectmatige twee-onder-een-kapwoningen en vrijstaande huizen naar ‘het wilde wonen’ op vrije kavels in het westen. Omdat nu nog minder dan de helft van het gebied bebouwd is, ziet het er ook echt wild uit. Maar met een dichtheid van maximaal vijftig woningen per hectare is van stadswonen werkelijk geen sprake. Ook het nagenoeg ontbreken van restaurants, winkels en andere voorzieningen in Park 16Hoven draagt niet bij aan een stedelijke sfeer.

De Groene Waaier, foto Christiane Wirth

Het meest westelijke gedeelte is een park, met de IJskelder, het Engels Werkje en de zorgvuldige vormgeving van de openbare ruimte een prachtig gebied. In een latere fase zullen hier drie appartementengebouwen verrijzen. Het onbebouwde tracé van de ondergrondse HSL-lijn doorsnijdt het oostelijke plandeel in diagonale richting. Dit verstoort op een prettige manier de rigide opbouw, net zoals het gegeven dat tussen de laanbebouwing, in de ‘binnenwerelden’, minder stedebouwkundige regels gelden. Al met al een vrolijke ‘heile Welt’, niet stads maar wel groen.

Ebenezer Howard (1850-1928) laveerde eveneens tussen stad en land, maar dan anders. Zijn nieuw te stichten ‘Garden Cities’ voor arbeiders zouden de voordelen van de stad – werkgelegenheid, openbaar vervoer en culturele instellingen – verbinden met de baten van het land: schone lucht en een gezonde, groene omgeving. Howard concipieerde de ‘Garden Cities’ nadrukkelijk als geheel zelfstandige steden. Ook al staan ze in een groene omgeving, het ging Howard juist niet om een pastorale idylle. Culturele vorming speelde een belangrijke rol. En: de waardestijging van de agrarische grond in bouwland zou alle bewoners ten goede komen. Met de opbrengsten zouden collectieve voorzieningen gefinancierd worden en huren laag blijven.

De Groene Waaier, foto Christiane Wirth

Dit stedebouwkundige concept werd pas een succes, toen Raymond Unwin het omboog naar de ‘Suburb’. Dit idee van een lommerrijke voorstad is sinds het begin van de twintigste eeuw talloze keren toegepast. Uiteraard bleef het enthousiasme beperkt tot de fysieke vorm. Howards oorspronkelijke ideeën, de nabijheid van wonen, werken én cultuur, het realiseren van een zelfstandige, nieuwe stad en het voorkomen van speculatie door gedeeld grondbezit, speelden in deze tuinwijken geen rol meer. In plaats van een echt alternatief voor de minderbedeelden werden de tuinwijken een lucratieve business, met woningen voor de middenklasse. Ook Park16Hoven staat in de traditie van de ‘Garden Suburb’.

Meerduidigheid

Park 16Hoven bestaat uitsluitend uit ‘middeldure en dure woningen in hoogwaardige (…) woonmilieus’, aldus het Stedebouwkundig Plan.[iii] Concreet zijn het eengezinshuizen en appartementsgebouwen met drie- en vierkamerwoningen. Tot zover de thema’s singles en vergrijzing. De welvarende consument is, eveneens volgens het Stedebouwkundig Plan, te verdelen in vier leefstijlen, waarvan drie bij 16Hoven zouden passen: uitdagend-dynamisch, anoniem-exclusief of knus-geborgen (pech als u toevallig sociaal-gezellig bent).

plattegrond de groene waaier

Gelukkig zijn er behalve ontwerpen die meedrijven op deze clichématige benadering ook andere. ‘De Groene Waaier’ van 01-10 Architecten staat in het oostelijke plandeel. De voordeuren van de 32 patio- en rijwoningen komen bijna direct uit op de openbare ruimte. In het ‘bijna’ zit het meesterschap. De overgang bestaat uit een grindstrookje en een anderskleurige straatklinker. Dat is voldoende en het werkt, leert een projectbezoek: de ruimte wordt werkelijk gebruikt. De patiowoningen hebben een vertrek dat afstand houdt van de rest van de woning: het zou een studio kunnen zijn, of een puberparadijs. Een ambigue ruimte. Waarom zien we zoiets niet vaker? Deze op zich eenvoudige ingreep biedt al ruimte voor een iets andere manier van wonen.

Parkzicht, foto Luuk Kramer

Op misschien wel de mooiste plek van het gebied staat ‘Parkzicht’ van JSA Architecten, een elegant appartementengebouw van donkere baksteen met speelse witte accenten. De naam zegt het al: hier gaat het om het uitzicht vanuit de woningen. Gekozen is voor een opzet met aftrappende terrassen. De negen woningen hebben de voorspelbare overgrote woonkamers. Interessant is dat bij de meeste woningen voor een alternatieve indeling met drie gelijkwaardige (slaap)kamers kan worden gekozen. Door deze opzet met ‘neutrale’ kamers ligt het gebruik van de vertrekken niet bij voorbaat vast. En je zou hier anders dan als familie of stel kunnen wonen: in theorie kun je hier ook als woongroep leven.

plattegrond parkzicht

Humanisme

De Duitse architect Hans Scharoun (1893-1972) ontwierp voor de mens, niet voor de consument. In 1957 ontstond een van zijn bekendste stedebouwkundige ontwerpen, de inzending voor de prijsvraag Hauptstadt Berlin. Het vanuit vogelvluchtperspectief getekende plan is een stedelijk landschap waarin de gebouwen schijnen te dansen. Scharoun wilde ontsnappen aan de ‘vormdwang van de geometrie’[iv] en schiep ruimten zonder rechte hoeken. Maar ook dat is slechts de fysieke vorm, lijkt me. Erachter staat een ander idee. Net zoals Howard had Scharoun een maatschappelijke agenda: steden waren uitdrukkelijk van iedereen. Nu de bouw in Nederland weer vaart neemt, is het de hoogste tijd om erover na te denken van wie onze steden zijn. In Park 16Hoven neemt de gemeente haar verantwoordelijkheid alleen voor de openbare ruimte, de bebouwing is overgelaten aan de ‘marktpartijen’. Gaat het ons alleen om het welzijn van welvarende mensen? Willen we monoculturen? Willen we nog langer negeren dat je ook anders dan als familie kunt samenleven? Is de markt echt hét heilsmiddel voor het woningvraagstuk?

Parkzicht, foto Luuk Kramer

De nog niet gebouwde fasen van Park 16Hoven bieden kansen voor een andere aanpak: voor wijken die ook overdag levendig zijn door niet gecentreerde, maar in het gebied verspreide voorzieningen. Met woningbouw die inspeelt op maatschappelijke ontwikkelingen: denk bijvoorbeeld aan het meergeneratiewonen of woningen voor singles, oud en jong. Of aan woningen die door neutrale, gedeprogrammeerde ruimten kleiner zijn en daardoor betaalbaar blijven. Niet ‘de markt’ op de voorgrond, maar maatschappelijk engagement.

Parkzicht, foto Luuk Kramer

 

Dit artikel verscheen in het digimagazine Woningbouw, lees hem nu!

 

Noten

[i]      Projectteam Zestienhoven, Masterplan Polder Zestienhoven, p. 11-12.

[ii]      Gemeente Rotterdam, Den Haag, Rotterdam en Den Haag in stedelijke transitie, p. 6.

[iii]     Gemeente Rotterdam, Kernteam Park Zestienhoven, Park 16Hoven. Stedenbouwkundig Plan, p. 8.

[iv]     Peter Pfankuch (Hrsg), Hans Scharoun. Bauten, Entwürfe, Texte. Schriftenreihe der Akademie der Künste Band 10, Berlin 1993, p. 116. Vertaling citaat: AP.

Reageer op dit artikel