artikel

Politieke en culturele ruimte van Europa door Philippe Samyn and partners

Architectuur

Terwijl in Brussel plannen worden gesmeed om het Paul Henri Spaak-gebouw te slopen, beter gekend als het Europees Parlement, kwam dit jaar een kwalitatieve nieuwbouw voor de Europese Raad en de Raad van de Europese Unie tot stand. Het vormt de infrastructuur voor de Europese lidstaten op ministerieel niveau en voor de topontmoetingen tussen Europese leiders. Het is een geraffineerd ontwerp waarbij de randvoorwaarden van de complexe bouwsite zijn aangewend om tot een onverwachte volumetrie te komen.

tekst Marc Dubois

De ontwerpers stonden voor de opgave een gedeelte van het voormalige Résidence Palace met een L-vorm te integreren in het totaalconcept. Ontworpen tussen 1922 en 1927 door de Zwitserse architect Michel Polak, was dit het eerste project in Europa dat was geconcipieerd als collectieve huisvesting voor de rijke burgerij. Een luxe appartementengebouw met de dienstverlening van een hotel, inclusief een zwembad, theater en tennisvelden op het dak. Na 1945 werd het complex een kantoorgebouw voor de Belgische overheid. De gevels van dit art-decomonument staan op de monumentenlijst en moesten worden behouden. Het nabijgelegen ‘lompe’ Justus Lipsius-gebouw waarin de zittingen tot 2017 plaatsvonden, diende een verbinding te krijgen met de nieuwbouw.

Foto Marie-Françoise Plissart

Spoorlijn

De aanwezigheid van de ondergrondse spoorlijn op de noordhoek van het terrein gaf zowel problemen voor de veiligheid als beperkte mogelijkheden voor de funderingen. Samyn opteerde daarom om de footprint te reduceren en kwam uit op een stapeling van elf bouwlagen. De vorm van het volume volgt de minimum oppervlakte voor iedere conferentiezaal. Alle verdieping hebben een elliptische vorm, verschillen in dimensies maar hebben eenzelfde centrum. De structuur, zelfs al lijkt het niet zo te zijn, is perfect symmetrisch: een stapeling van conferentieruimten met daaromheen een circulatiezone met daglicht.

Foto Quentin Olbrechts

Zalen

De drie grote zalen hebben een dubbele hoogte (+3-4/+5-6/+7-8). Niveau 5/6 heeft een capaciteit van 250 personen. Onder op +1 en +2 is ruimte voor de pers gecreëerd. Op de begane grond ligt een cafetaria en op -1 een restaurant. Bovenaan op niveau +11 bevindt zich een kleine eetzaal voor vijftig personen. Het resultaat is een geopaliseerde ‘lantaarn’ waarbij glaspanelen zijn gemonteerd op verticaal doorlopende ribben die dezelfde afmetingen hebben, maar afwijkend zijn qua binnensectie. De glaspanelen hebben schuine witte strepen waardoor alle verdiepingen zijn samengebracht in één visueel beeld met behoud van daglicht in de gangen rond de zalen. Zo ontstaat tussen de ‘lantaarn’ en de dubbele buitengevel een zeer hoog atrium.

Houten kantwerk

Samyn heeft een inventieve constructieve oplossing voor het plafond van de drie grote zalen gevonden. Op het eerste gezicht lijkt de witte metaalconstructie functieloos, net een omgekeerde koepel met tamboer. Het is echter deel van de oplossing om de vloerplaten zo dun mogelijk te houden. Het is een 3D-variant op het traditionele Polonceau-spant, waardoor trillingen worden opgevangen en het plafond hoger kon worden geplaatst en minder lichtpunten noodzakelijk zijn.

Europagebouw vijfde verdieping

Bekijk hier meer tekeningen van het Europagebouw

Frame

In plaats van het gebouw te bedenken als een mega-aquarium, heeft Samyn de twee buitengevels als een semitransparant voorzetscreen ontworpen. Dit patchwork bestaat uit 3.750 gerecycleerde houten ramen die afkomstig zijn uit alle uithoeken van Europa. Ze zijn opgepoetst (misschien te veel) en gemonteerd in een metalen frame, waarbij gehard glas is toegevoegd. Vervolgens zijn ze aangebracht op de metalen hoofdstructuur van de gevel. Het houten kantwerk is onderdeel van de dubbele buitengevel met gehard glas, een oplossing om te voldoen aan de strenge veiligheidsnormen.

Foto Marie-Françoise Plissart

Lichte constructie

Na een herberekening van de gevel door Samyn zelf, kon de constructie lichter worden gemaakt met dertig procent minder staal. De doorsneden van de profielen variëren en met behulp van een robotgestuurd productieproces zijn complexe knooppunten geproduceerd. De noodzaak van deze 3D-berekeningswijze toonde Samyn reeds in 1972 bij het Wing Building-project, zijn afstudeerproject aan het MIT in Chicago.

Foto Thierry Henrard

Dekvloer

Het bereiken van een betere en goedkopere oplossing in een bouwproject is niet uitsluitend een zaak van hightech. De bouwheer Regie der Gebouwen wilde de gehele binnenstructuur van Résidence Palace slopen om te voldoen aan de huidige eis van 250 kilogram per vierkante meter vloerbelasting. Samyn stelde na onderzoek vast dat bij de bouw een chape (dekvloer) van liefst tien centimeter werd aangebracht. Door deze achterwege te laten, konden alle kamers aan de buitengevel en de gangen bewaard blijven. Aan de zijkanten van de ramen werden in het interieur spiegels geplaatst, wat resulteerde in een verhoging van de lichtintensiteit. Beide zijn mooie voorbeelden van lowtech oplossingen.

Complex bouwproces

Hoe kan een ontwerp de Europese politieke en culturele ruimte visualiseren? De centrale plaats van samenkomst is niet verstopt zoals in het Justus Lipsius-gebouw. Het concept wil deze plaats juist expliciteren en zichtbaar maken vanuit de publieke ruimte, ook ’s avonds door een goed bestudeerde verlichting. Het is een symbolische keuze die het louter functionele overstijgt. Door het centraal positioneren van de lantaarn omringd door kantoren in het zorgvuldig gerenoveerde Résidence Palace bereikt Samyn een opsplitsing tussen dienende en bedienende functies, een geliefd thema in de moderne architectuur.

Foto: Marie-Françoise Plissart

Kunst

Wat betreft kunstintegratie is een beroep gedaan op Georges Meurant, die een kleurrijke toets gaf aan het interieur. Deze is bij de vloer- en plafondoplossingen van de conferentiezalen en in de liften prominent aanwezig. Het is geen autonoom kunstwerk om Europa uit te beelden, maar is opgebouwd uit een veelheid aan kleuren die afkomstig zijn uit de vlaggen van de Europese landen. De basis is een vierkant van vijftien bij vijftien centimeter, gelijk aan 1/9 van de structurele module van het gebouw van 1,35 meter.

Foto Europese Unie

BIM

In een gesprek benadrukt Samyn de rol van John Burgers (hij studeerde aan de TU Delft), die optrad als ‘opdrachtgever’ voor de Europese Raad en het programma correct had uitschreven. Om een dergelijk complex bouwproces te beheersen is een Building Information Model (BIM) in 3D onmisbaar gebleken. Zowel het ontwerpteam als de aannemers gebruikten Autodesk Revit om in elke fase het ontwerp te kunnen optimaliseren en fouten te voorkomen. Vooral bij het integreren van de speciale technieken in de vrijstaande lantaarn was dit noodzakelijk. Zonder deze software was het ondenkbaar geweest om binnen het budget van 315 miljoen te blijven.

Twaalf jaar gedocumenteerd

Dit project voor de Europese Raad past bijzonder goed in het oeuvre van Samyn. Een architect die perfect geconstrueerde gebouwen wil maken en zijn kennis als ingenieur maximaal inzet om met minder bouwmaterialen slankere gebouwen voort te brengen. Dat hij meer is dan een constructeur pur sang, komt tot uiting in de twee lijvige boeken over dit gebouw, die zijn uitgegeven in 2013 en 2016.1 Het ontwerpproces, de bouwfase en de uitwerking van de details: alles is voorbeeldig gedocumenteerd. Het ontwerpproces is een traject geweest van twaalf jaar met 13.000 tekeningen en een zorgvuldige opvolging van elk detail. Samyn is er na de vele ondermaatse constructies uit het verleden in geslaagd Brussel een waardig Europees gebouw te geven.


Noot

  1. Jean Attali, Philippe Samyn, Europa – Europese Raad en Raad van de Europese Unie, Philippe Samyn – architect en ingenieur, Tielt/Brussel 2013; Jean Attali, Philippe Samyn, Denis Mélotte, Elements / Europa – Europese Raad en Raad van de Europese Unie, Philippe Samyn – architect en ingenieur, Tielt/Brussel 2016.

 

Foto's

Reageer op dit artikel